Dagboek in Parijs – De sfeer zit er goed in


In het TeamNL huis zijn de Olympische Spelen afgetrapt op een manier zoals alleen oranjesupporters dat kunnen.

Op het moment dat ik dit – met mijn iPad op schoot – schrijf, pompen twee Q-music dj’s foute, overwegend Nederlandstalige hits door de speakers van het TeamNL huis. Dit ‘thuis voor oranje’ is gevuld met fanatieke oranjesupporters. Zelfs op de eerste avond zijn de tribunes en dansvloer gevuld. Wanneer Rob ‘van links naar rechts’ Kemps binnenkomt, gastheer van het huis, begint de Zenith op haar grondvesten te trillen. Hij kondigt de openingsceremonie aan. De oranjesupporters hebben er in ieder geval flink veel zin in. En ik ook!

Onderweg

Vanochtend vertrok ik vanuit Nijmegen, via Schiphol met de Eurostar naar Parijs. Gelukkig heb ik weinig hinder ondervonden van de grootschalige treinspoorsabotage. Natuurlijk was er wat vertraging, maar het was ook best een relaxte reisdag omdat ik vandaag nog geen verplichtingen had. Met ‘slechts’ 75 minuten vertraging kwamen we aan op Parijs Gare du Nord. De NS zou het niet beter doen. 

Deze wereldreiziger had in één keer de goede metrolijn te pakken. Dat is zoals in de grote stad altijd weer even opletten: “Oké lijn A, maar welke kant gaat ‘ie op?” Ongeveer drie kwartier later stond ik in het appartement wat ik de komende week thuis noem. Even opfrissen en weer door. In het Palais des Congres kon ik mijn accreditatie ophalen. In een mum van tijd had ik die om m’n nek hangen en kreeg ik een metrokaart in mijn handen gedrukt. 

Verkennen

Daarna was het tijd om te verkennen. Dat bleek geen heel strak plan. De Fransen hebben zo’n 45.000 politieagenten ingeschakeld voor de beveiliging van de Olympische Spelen. Volgens mij stonden ze allemaal rondom de Eiffeltoren. Op elke hoek van de straat stond een kluitje in donkerblauw geklede mannen die – in acceptabel Engels – heel goed konden vertellen dat je niet verder mocht, maar je niet vertellen waar je weg kon uit de beveiligingsfuik. Ze konden ook heel goed boos kijken.

Ik besloot weg te gaan van de Seine en het TeamNL huis – in het noordoosten van Parijs – alvast even te bekijken, daar een hapje te eten en daarna weer huiswaarts te keren. Een goede keuze, want bij het TeamNL huis was ook Roei!-collega Ragnar. We aten samen en liepen daarna naar het thuis voor oranje, waar ik nu dit bericht typ. De openingsceremonie is begonnen, de eerste beelden van vlaggendragers en zwaaiende sporters zijn te zien op het grote scherm. Lady GaGa start haar Moulin Rouge-achtige optreden op de oevers van de Seine. Het applaus vanuit de zaal belooft veel goed voor de rest van de Spelen. We zijn begonnen!

Morgen gaan we naar de roeibaan en starten de eerste kwalificaties: alle Nederlandse scullboten!

Reserves vliegen als eersten over de olympische roeibaan in ‘race der reserves’

Waar de Olympische Spelen voor de meeste roeiers pas op of na zaterdagochtend beginnen, is het voor de reserves mogelijk vrijdagmiddag al afgelopen. Zij starten morgen de ‘race der reserves’; de eerste races over de olympische baan.

De dag voordat het echte vuurwerk begint, racen de reserveroeiers die dat willen tegen elkaar over het olympische parcours. Zij zijn daarmee de eersten die over de Stade Nautique-roeibaan in Vaires-sur-Marne racen in zijn olympische ‘Parijs2024’ entourage.

Namens Nederland verschijnen Ilse Kolkman en Willemijn Mulder (afgebeeld op de foto) in de dames twee zonder aan de start. Ook de mannen Niki van Sprang en Pieter van Veen racen in de twee zonder. “Natuurlijk niet de race die iemand aan het begin van het jaar in zijn agenda had gezet, maar toch iets om naartoe te werken”, aldus Niki van Sprang op zijn Instagram.

Willemijn Mulder (slag) en Ilse Kolkman (boeg), de reservedames van TeamNL roeien in actie tijdens World Cup II. Foto Susanne Ottenheym

Dubbele gevoelens

Van Sprang greep afgelopen mei net naast een olympische ticket in de tweezonder. Hij is de enige van de reserves die al eens meedeed aan de Olympische Spelen. Nu is hij toch in Parijs, maar als reserve: “Het is makkelijk om je een infiltrant te voelen, ook al weet ik dat ik me zou kunnen meten met de besten ter wereld. Per slot van rekening heb ik vorig jaar een boot gekwalificeerd en was ik er twee maanden geleden heel dichtbij om dat weer te doen.”

Ook Mulder zit met dubbele gevoelens die ze uit op haar Instagram: “Hoewel het als reserve voelt alsof ik er alleen voor de show ben, kijk ik er naar uit om alle dames te zien racen voor hun olympische medailles.”

Parijs, honderd jaar na dato


Olympische Spelen terug in Parijs

Precies een decennium geleden vonden de Olympische Spelen ook plaats in de Parijse hoofdstad, van 4 mei tot en met 27 juli. Destijds was de organisatie van het evenement nog veel minder efficiënt. Dat kwam onder andere omdat het veel meer tijd kostte om sporters en hun materialen van A naar B te verplaatsen. Daardoor duurden de Spelen bijna drie maanden. De wedstrijden waren wel verspreid over meerdere weken en zonder de strakke planningen die we vandaag de dag kennen.

Het olympische roeitoernooi was gelukkig een stuk korter; van 13 tot en met 17 juli. Destijds werd er nog geroeid op rivier de Seine, in de buurt van het dorpje Argenteuil, ten noordwesten van Parijs. De disciplines die toen op de wedstrijdkalender stonden waren de skiff, twee zonder, dubbeltwee, twee met, vier zonder, vier met en acht, maar enkel voor mannen. Vrouwen mochten pas meedoen aan het olympische roeien vanaf 1976. Nederland behaalde in 1924 één medaille. Er was zilver in de twee zonder voor het duo Rösingh/Beijnen.

In Parijs 1924 was er overigens voor het eerst een olympisch dorp, hoewel het blijkbaar niet veel voorstelde. Het schijnt dat de atleten werden gehuisd in een soort barakken. Dat jaar was ook de introductie van het olympische motto ‘Citius, Altius, Fortius’ (sneller, hoger, sterker). In het jaar 2021 werd daar nog ‘Communiter’ (samen) aan toegevoegd.

Parijs in 1900

In 1900 werd het sportfestijn ook al gehouden in de Franse hoofdstad. Dat was toen de tweede editie van de moderne olympische spelen, na de aftrap in 1896 in Athene. De Grieken wilden eigenlijk dat de spelen permanent in Griekenland zouden plaatsvinden, maar het IOC – opgericht in juni 1894, vlak na de eerste moderne olympische spelen – besloot toen dat de spelen elke keer in een ander land gehouden zouden worden. Het hele evenement duurde van 14 mei tot en met 28 oktober.

Roeien stond in 1900 voor het eerst op de olympische kalender. Dat jaar was overigens ook de eerste keer dat Nederland meedeed aan de olympische spelen. Er waren meteen drie Nederlandse olympische roeimedailles: brons voor de acht, zilver voor de vier-met en goud voor de twee-met.

De roeiwedstrijden waren destijds lang niet zo gereguleerd als nu. Zo kon het gebeuren het dat het duo Brandt/Klein met een onbekende stuurman hun finale won. Bij de vier-met werden uiteindelijk twee olympische finales geroeid: er werden dat jaar dus aan zes ploegen medailles uitgedeeld voor die discipline.