Dagboek Tokyo van kamprechter Tom van der Lelij | zaterdag 24 juli


Kamprechter Tom van er Lelij houdt ons in woord en beeld op de hoogte van achter de schermen van de Olympische Spelen. Hij is een van de 20 kamprechters.
Lees alle bijdragen over Tokyo 2020 via deze link: roei.nu/category/os-tokio/


Nog vroeger beginnen

Nu er slecht weer komt en het wedstrijdschema is aangepast beginnen we al om 8 uur met roeien. Dat betekent jurymeeting 6.30 uur en met de eerste bus van 5.35 uur naar de baan. Ik ontbijt niet en ga direct naar de bus. Na de check-in op de baan raak ik aan de praat met Peter Cookson, voorzitter van de indoor rowing commission van FISA. Hij zit hier met o.a. met onze Henk Jan Zwolle in de fairnesscommissie en besluit over eventuele maatregelen om de wedstrijden zo eerlijk mogelijk te laten verlopen. Sinds de WK roeien 2014 A’dam zijn we ook in Nederland veel meer met fairness gaan doen. Ik ben daar intensief bij betrokken met anderen en vertel over de nieuwste weerapps die in Nederland zijn ontwikkeld door Mark Greefhorst en de matrix met maatregelen die daar bij hoort. Hij vertelt dat Henk Jan ze heeft laten zien en is onder de indruk. Het bevestigt dat we daar volgens mij op de goede weg zijn. Door de standaardisatie die we in Nederland nastreven kun je op elke baan waar je maar wil onderbouwd fairness gaan toepassen.

Spitting umpires

Voordat we met de jurymeeting beginnen is er een bijzonder ritueel: the spitting umpires. Elke dag moeten we een buisje spuug inleveren, de saliva test. Nadat ik in Nederland twee keer met een PCR-test in de neus ben mishandeld blijft het hier beperkt tot een dagelijks spuugje inleveren. De een staat wat meer in de hoek de ander doet het gewoon in de groep. Het levert de nodige hilarische opmerkingen op en zorgt voor de broodnodige ontspanning voor de serieuze jobs die eraan zitten te komen.

Een wit t-shirt

Na drie dagen starten ga ik naar het inkomende ponton van de control commissie. Als ik nog even met Patrick Rombaut iets over lengte van sokken en uniformiteit bespreek is iedereen weg en ga ik snel die kant op. Ik blijk toch de eerste te zijn, waar is iedereen? Niet lang daarna druppelt iedereen binnen, gelukkig. Ik help graag eerst het uitgaande ponton opstarten van de werkverdeling: je doet weer wat vaardigheid op voor verderop in het toernooi en omdat het altijd even zoeken is naar de juiste werkverdeling is het fijn als je je collega’s even kunt helpen. Een roeister uit een roeiontwikkelingsland waar World Rowing veel geld en moeite in investeert om roeien een wereldwijde sport te laten zijn, komt met een wit dik katoenen t-shirt aanlopen. Ik vraag haar om haar wedstrijdtenue te laten zien. Haar coach meldt dat ze vorige keer in paars roeide en nu een schoon wit shirt heeft aangetrokken. Ze heeft geen tenue van haar land. Toch ook wel vreemd dat je land geen tenue heeft, daarom pleeg ik even overleg en we besluiten het toe te staan. Het toont de niveauverschillen tussen de landen die participeren.


Welke boot moeten we wegen?

Ondertussen naderen de eerste races dus ik ga naar het inkomende ponton. Er staan heel veel hulpkrachten die allemaal geen of beperkt Engels spreken. We hebben al snel door aan wie we dingen kunnen vragen, zo kunnen we duidelijk laten maken wat er moet gebeuren. Ik zet mij onder een parasol met mijn verrekijker en nodig collega Manola Marinai uit Italië uit op de stoel naast mij. Vanaf hier hebben we tussen de twee pontons in goed overzicht. We proberen snel de juiste informatie te krijgen, want we moeten boten van de nummers 2 of 3 van een race wegen. Maar dan moet je wel de uitslag hebben! Op papier komt die regelmatig te laat waardoor het onrustig wordt. Via mijn telefoon lukt het niet de live results te vinden. Dan maar met mijn verrekijker op het beeldscherm bij de finish zo’n 300 meter verderop live meekijken. Zo komen we te weten wie we moeten hebben. Daarna moet je geconcentreerd blijven bij wat er op de vlotten gebeurt: sommige ploegen leggen aan, krijgen drinken en een coolvest en gaan nog een stukje roeien. Andere gaan direct het water af. Op enig moment lijkt het erop dat we een ploeg hebben gemist. Toch niet, de ploeg is ongeveer een halfuur aan het uitroeien. We hebben ze allemaal kunnen traceren! Ook rond de vlotten zorgt dat altijd voor veel aankomend en vertrekkend roeiverkeer. We horen de Servische NTO Anna Nicolic dat de hele ochtend vanuit haar boot in de brandende zon strak regelen. Als vrijwilliger reist ze daar meerdere keren per jaar de wereld voor over: er hebben zich nog geen aanvaringen voorgedaan.

The job is done. Nog even een fotootje na afloop

Vrouwen aan de vlag

Wat opvalt is dat de ploegen steeds dieper moeten gaan om in de race te blijven. De herkansingen zijn soms spannend en ook ploegen die afvallen kunnen er wat van en gaan dus tot het gaatje. Dat merk je op onze vlotten. De dokter moet regelmatig met zonneparaplu en koelingsmiddelen een kijkje gaan nemen. Ik zie ze af en toe rennen. Het is pas de tweede roeidag, maar de survival of the fittest begint zijn tol te eisen!
Na ruim twee uur word ik afgelost door de eerste Filippijnse kamprechter op de Spelen. Een scherpe vrouwelijke collega die het spelletje begrijpt en zowel in de Filippijnen als binnen World Rowing actief is. Onze olympische jury heeft met iets meer dan 33% vrouwen het hoogste percentage ooit, maar het moet naar 50%, net als in het Olympische roeiprogramma. Ook in Nederland zijn we ermee bezig onder het motto ‘Vrouwen aan de vlag’. Laten we hopen dat we op de goede weg zijn met toppers als Laura van de Wardt en Leonie de Jong binnen de kamprechterscommissie en een 50%-verdeling binnen het Talent Ontwikkelingsprogramma (TOP) voor kamprechters. Het is gewoon leuker in een gemêleerde groep kamprechters en anders gaan we in de toekomst op de Olympische Spelen of andere grote roeitoernooien gewoon minder Nederlandse kamprechters benoemd krijgen.

Boten wegen

Op de botenweging, mijn volgende klus, word ik ondersteund door twee Japanse vrijwilligers die na elke gewogen boot de vloer droog en schoon moppen: er komt soms flink veel aanhangend water van zo’n boot en de vloer is gecoat dus anders spekglad. Voor elk probleem is er een vrijwilliger om het op te lossen. De kruimels van de crackers met kaas (mijn verlate ontbijt) nemen ze ook nog even mee. Er is ook een Japanse NTO kamprechter die de ploegen helpt de boot op de weegschaal te leggen. Een vierde vrijwilliger staat buiten de bestrating nat te spuiten. De reden daarvan is mij een raadsel, maar je moet je niet overal mee willen bemoeien. Ik kijk en voel met mijn hand in de gaten van de boot, maar nadat een roeier ongeveer met zijn hele arm erin moet om zijn natte t-shirt eruit te halen pas ik mijn strategie aan en vraag ik eerst de ploeg niet alleen de gaten te open maar alles te verwijderen wat eruit moet en of ze daarmee klaar zijn. Dat gaat veel beter! Zelfs hier leer je nog wat.

De botenwegers

De Holland 8 op de weegschaal

Hier kom je ook echt in aanraking met de gemoedstoestand van de roeiers. Als je de laatst gekwalificeerde ploeg uit een herkansing of een heat weegt begint wellicht het eindperspectief voor de finales zich aan te dienen. Dat merk je hier. Grappige opmerkingen zijn dan niet gepast. Bloed, zweet en tranen en al dan niet een passende beloning lijken hier vers te zijn aangeboord. Gelukkig zijn er ook ploegen die wat minder strak in hun vel zitten. Ik weeg de W4- en de M8+ die hun race hebben gewonnen. Hessel Evertse is er ook bij, twee dagen eerder zit je als Nederlanders met elkaar aan tafel, nu weeg je als kamprechter van de wereldroeibond de boot van een van zijn teams. We weten beiden dat het zo werkt. Gelukkig is de boot prima op gewicht. Dat is in het verleden wel eens anders geweest. Levert het wegen van boten sinds we dat zo’n vijf jaar geleden in Nederland hebben ingevoerd nu misschien toch een bescheiden bijdrage? Als ik later de uitslagen bekijk blijken ook de M2- en de LW2x van TeamNL door te zijn. Alleen de M4- moet herkansen, maar de positieve kant is dat ze de vierde tijd hebben: dat moet goed kunnen komen. Toch baal ik, want nu juist in deze boot zit Boudewijn Roëll van mijn vereniging Asopos de Vliet.

IMG-20210724-WA0010-1
previous arrow
next arrow
Shadow


J&T

Op mijn hotelkamer reageer ik op een whatsapp van Merijn Soeters met foto die mij wijst op het Jacomine en Tom (J&T) gebouw waar ik gisteren bij stond te starten. Fotografen hebben oog voor detail. Ik bedank hem en stuur hem natuurlijk naar mijn vrouw. Hij reageert dat ik TTO goed opriep naar de start, maar dat hij in Luzern een keer een kamprechter Trinidad en Tabasco heeft horen zeggen. Tja, fouten maken is menselijk. Ook krijg ik leuke reacties op mijn dagboek. Jasmijn Tiemersma vraagt of ze het mag linken; lijkt mij leuk! Het is wel een hele aardige link die ze er van heeft weten te maken. Ik ben er best een beetje trots op.


Dagboek Tokyo van kamprechter Tom van der Lelij | vrijdag 23 juli


Kamprechter Tom van er Lelij houdt ons in woord en beeld op de hoogte van achter de schermen van de Olympische Spelen. Hij is een van de 20 kamprechters.


Dag ‘nul’

Vandaag dag 0 volgens de technische officials guide van het roeien. Dan tellen ze natuurlijk vanaf de opening. Maar vandaag gaan de kaarten bij een aantal roei events voor het eerst een beetje geschud worden. Het roeien begint om 8.30 uur, de jurymeeting begint om 7 uur. Dat betekent de bus van 6.05, dus ik schuif om 5.30 uur aan het ontbijt. Iedere kamprechter denkt dan wel eens: wat is dit voor hobby, maar vandaag is dat niet de gedachte die mij te binnen schiet: you’re on the Olympics, man!


Weggemoffeld?

Op weg naar de roeibaan valt op dat de Spelen niet goed liggen in Japan. Vaak zie je dat steden flink worden aangekleed met vlaggen en banieren, maar in Tokyo is dat niet het geval. Het lijkt wel alsof de Spelen een beetje onzichtbaar worden gemaakt, weggemoffeld. Het is erg jammer dat de Japanners er zo eigenlijk onvoldoende van kunnen genieten. Zeker nu bekend is dat er geen toeschouwers zullen zijn, terwijl daar tot voor kort nog wel van uit werd gegaan. De enorme tribunes zullen dus leeg blijven. Bij zo’n prachtig toernooi is dat triest om te zien. Het is allemaal heel dubbel.

Dagelijkse check

Bij aankomst ondergaan we de daily check: na een temperatuurcheck wordt elektronisch gecontroleerd of jij wel de persoon bent die bij de accreditatiekaart hoort. Daarna wordt je tas gescand op verboden zaken. De Japanners zijn heel voorkomend maar voeren alles nauwgezet uit. We hebben de indruk dat de roeiers dit alles bespaard blijft omdat ze van de ene bubbel (Olympisch dorp) naar de andere worden gebracht (de roeibaan).

Er wordt in de jurymeeting gemeld dat de mogelijkheid wordt onderzocht of schuiven naar voren in het programma gewenst is in verband met het weer op maandag. Begrijpelijk als je naar het weerbericht kijkt. Zo blijft ook de reservedag voor calamiteiten volgende week zaterdag beschikbaar. Je weet maar nooit wat er nog roet in het eten van onze buitensport gooit. De beslissing is inmiddels genomen, en het bijgewerkte programma vind je hier (https://worldrowing.com/event/2020-olympic-games-regatta) onder schedule.

Aan de slag

Ik mag met mijn Deense collega Flemming naar de start. Het motto van de Spelen van Tokyo staat ook op de startpontons: naarmate je langer rondloopt gaan je steeds meer details opvallen. Op de start prepareren we ons voor wat gaat komen. Terwijl ik binnen sta wordt mijn naam geroepen: Tom, Tom! Ik kijk rond, maar zie niets. Buiten hoor ik het luider, achter ons op de brug staat fotograaf Merijn Soeters. Ik steek mijn duim omhoog en wijs wat in het rond, maar veel tijd is er ook niet want we moeten aan het werk. Merijn zal vast een plaatje hebben geschoten. Wij prepareren alles. Zo krijgen we de banen door die we gaan gebruiken als er minder dan 6 ploegen in de heat roeien en nemen nog even de lastige afkortingen door op de startlijst zoals VAN, LBA, KSA, BER, NCA, CIV, NGR, IRI, ROC en TTO(*). Voor de zekerheid schrijven we ze eronder. Je weet maar nooit in het heetst van de strijd! Precies 10 minuten doen we de eerste call voor de eerste heat van de mannen skiff. Het is prettig want de skiffeurs willen graag en komen vroeg hun baan in waar sommigen nog een baantje varen. De eerste start is met 1 seconde te vroeg precies op tijd! Dat is een lekker begin.

Kinkje in de kabel

In de derde voorwedstrijd komt er een kinkje in de kabel: de skiffeur van Libië komt maar niet en blijkt 14 minuten voor starttijd te zijn vertrokken. Zo’n drie-en-een-halve minuut voor tijd krijgen we hem in het vizier in de laatste 500 meter van de oproeibaan. Ik roep hem op met de geluidsinstallatie in de oproeibaan en geef aan dat hij nog 3 minuten heeft. Overleg met de jurypresident: wachten kan niet want bij de televisie gaat alles op tijd. De skiffeur roeit stevig door en strijkt een veelste lang stuk naar zijn eigen baan. Ongeveer anderhalve minuut voor de starttijd is hij in zijn baan, maar dan moet hij nog naar zijn ponton strijken. Terwijl hij dat doet geeft ik hem alvast zijn waarschuwing, dat bespaart tijd. De Japanse NTO geeft dat netjes door zodat de mensen op de vlotten de gele waarschuwingsbal kunnen ‘hijsen’. Alle volgende stappen worden zo rustig maar ook zo snel mogelijk afgewikkeld. Uiteindelijk starten we met een vertraging van 50 seconden en de start erna zitten we weer precies op schema.

Tijdens de dames skiffs lopen we een vertraging op van 1 minuut en 45 seconden doordat in een voorliggende race te langzaam wordt geroeid. We kunnen dan niet starten, want anders is er geen tv-coverage. We kondigen de vertraging aan bij de roeiers en in de twee volgende heats lopen we in stappen de achterstand weer in.

Van een ander probleem hebben we weinig last. De Sea Forest Waterway ligt onder de aanvliegroute van een van de twee vliegvelden van Tokyo. Net als op de Bosbaan kunnen de roeiers de starter slecht horen als er een flinke jet overvliegt. Dat kan voor wat vertraging zorgen, maar ik had er vandaag weinig last van. Covid zorgt voor minder vliegverkeer, zelfs als je de Olympische Spelen in je stad hebt.

Af en toe geluidsoverlast door vliegtuigen en drones

Mijn klus op de start zit er na zo’n twee uur op. Ik stap op een kamprechtersboot om statisch te gaan kamprechteren. Dat betekent dat we vanaf de zijkant naar het midden van de baan varen en over zo’n 500 meter de wedstrijd visueel volgen. Verdeeld over de baan ligger er zo 6 kamprechtersboten die de hele race kunnen overzien. In de finale kamprechteren we dynamisch wat betekent dat één boot de hele wedstrijd van start tot finish volgt. Ik houd de wedstrijd natuurlijk strak in de gaten, maar zie wel dat de Nederlandse M4x en de M2x al een gaatje hebben geslagen. Ik ben benieuwd naar de Nederlandse resultaten.
Als ik ’s middags via whatsapp videobel met mijn vrouw Jacomine hoor ik dat alleen skiffeur Finn Florijn moet herkansen(**). Verder zijn alle Nederlanders door, de M2x zelfs in de snelste Olympische tijd ooit. Dat belooft wat! Dochter Lisanne sluit ook even aan. Zij logeert met wat vriendinnen uit haar roeiploeg bij ons in Rijen. Ik herken Wia en zwaai, zij zwaait terug. Gezellig om contact te hebben met het thuisfront.

Ook andere juryleden worden net als ik in het thuisland door media gevolgd. Voor de liefhebbers: Bill Donegan (CAN) en Ruzica Karajovoc-Ibrococ (SRB).

(*) VAN = Vanuatu, LBA = Lybia, KSA = Saudi Arabia, BER = Bermuda, NCA = Nigaragua, CIV = Ivory Coast, NGR = Nigeria, IRI = Iran, ROC = Russian Olympic Committee, TTO = Trinidad and Tobago
(**) Inmiddels werd bekend dat Florijn helaas in quarantaine moet wegens een positieve coronatest. [red.]

Het dagboek van de eerste drie dagen lees je hier.


Documentaire Gaan voor Goud

De afgelopen twee jaar volgden Yolanda van der Linden en cameraman Merijn Soeters zeven vrouwen van de KNRB op hun weg naar de Spelen. Zeven prachtige, krachtige vrouwen die gaan voor goud. Over hen maakten zij, met een beetje hulp van Geby Kuijpers deze documentaire.


Dagboek Tokyo van kamprechter Tom van der Lelij

20, 21 en 22 juli


Kamprechter Tom van er Lelij houdt ons in woord en beeld op de hoogte van achter de schermen van de Olympische Spelen. Hij is een van de 20 kamprechters.


Donderdag 22 juli: wennen aan innovaties, practise starts

Blik vanuit de aligneurshut op de startpontons – met vooraan de Nederlandse vrouwen vierzonder

De derde dag sinds vertrek. Het blijkt allemaal toch wat vermoeiender dan verwacht. Ik kom moeilijk mijn bed uit en een ontbijt zit er niet meer in. Gelukkig heb ik wat eten van huis meegenomen, dus pak ik wat crackers en wat kaas waarmee ik de ochtend wel doorkom.

Dagelijks moeten we temperaturen en die invullen in de OCHA-app samen met vragen of je snottert, hoest, keelpijn of iets anders hebt. Ik bemerk wel kleine verschillen, maar ik vind het niets om mij zorgen over te maken. Mijn ouderwetse thermometer van thuis geeft 35 graden aan en kost veel tijd. Voortaan meet ik mijn temperatuur op weg naar de bus bij de ingang van het hotel. Daar staat een apparaat met een klein beeldscherm dat  je temperatuur meet als je binnenkomt: gepiept in luttele seconden! Deze geeft een geruststellende lage 36 graden weer. Dat is mooi. In de bus voer ik de gegevens dan wel in.

Buiten staat een bus klaar waar Rowing op staat. Ik stap in, maar hij is niet erg vol: waar is iedereen? Dit voelt niet goed. Gelukkig weet een collega kamprechter als ik al een tijdje in de bus zit, dat deze niet naar de baan gaat. Deze bus brengt de mensen die vertraagd zijn aangekomen in Tokyo naar het Uniform en Accreditatie Centrum. Maar waar is mijn bus van 7.05 dan? Alle dagen blijkt er een bus om 7.05 te vertrekken, behalve vandaag. De 7.05 bus ging al om 6.50 uur. Scherp blijven blijft belangrijk! Iemand had het nog wel kort voor vertrek gemeld in de appgroep voor de juryleden, maar dat had ik gemist. Gelukkig is er om 7.20 nog een bus naar de baan. Daar blijk ik niet de enige te zijn geweest, meer collega’s waren verrast.

Op weg naar de baan lees ik dat een van de ondersteunende kamprechters (NTO’s: National Technical Officers) positief is getest. Een paar mensen in de omgeving moeten preventief in isolatie waaronder één kamprechter uit de jury (ITO: International Technical Officer). De volgende  stap is een PCR-test die moet aantonen dat de positieve test klopt. We hopen het beste, maar vrezen het ergste. In de jury room staan de stoelen nog iets verder uit elkaar dan gisteren. De schrik zit er goed in, maar het toernooi gaat door.

Jurymeeting 2: alle stoelen nog verder uit elkaar

In de meeting krijgen we een interessante uitleg over de werking van de laatste nieuwe ontwikkeling bij Polaritas het bedrijf dat de startschoenen [het startsysteem, red.] verhuurt en installeert voor dit soort toptoernooien (https://www.polaritas.com/products-and-services/automatic-starting-system/). Als je nu hard tegen de kap van de startschoen duwt klapt deze onder water, waardoor taferelen zoals eerder bij de EK 2018 in Schotland, roeiers bespaard zullen blijven. Toen kwamen skiffs met een forse schade bovenop de kap van de startschoenen terecht doordat die niet naar beneden gingen. Zoals ik gisteren al meldde was het (alleen) de Nederlandse W4- die met deze nieuwste ontwikkeling heeft kennisgemaakt. Now we know why!


Inmiddels is bekend dat we als startteam van gisteren ook vandaag en morgen op de start staan. De Jurypresident en voorzitter van de Umpiring Commission Patrick Rombaut wil door continuïteit in het begin een goed begin van het toernooi realiseren. Daarna zullen we ook gaan rouleren over de andere functies. Omdat Deense collega Flemming Gaur en ik gisteren al hebben gestart is de beurt nu aan Duitse collega Rolf Warnke. Zoals altijd is het de tweede dag veel drukker, dus de opgave is zoveel mogelijk starts in het komende uur uit te voeren, de ploegen een optimaal startgevoel te geven en de wachttijd voor de ploegen zo kort mogelijk te houden. Starters, lokale bemanningen op de vlotten, de Japanse aligner en ik als judge at the start doen onze stinkende best om alles snel en goed uit te voeren. Ploegen die vooraan liggen worden geïdentificeerd door de assistent-starter waarna de starter ze een baan toewijst. Vanuit de alignershut anticiperen we daarop door het ponton alvast aan te passen aan de bootlengte die aan een baan wordt toegewezen. Door de diversiteit van de ploegen betekent dat op iedere baan van 8 naar skiff en van 2 naar 4 en weer terug.
Als alle ploegen aan de pontons liggen moet de punt ruim achter de startlijn liggen om de startschoen veilig omhoog te laten komen zonder de boot te beschadigen. Daarna kan de boot in de startschoen worden geduwd/geroeid, waarbij de boeg van iedere boot scherp moet zijn of de punt wel voor de schoen ligt. De Japanse ‘boatholders’ zijn nog wat onervaren en proberen we nog wat tips mee te geven: het verschuiven van de boot hoeft niet alleen met het ponton, maar kan ook door het verplaatsen van je handen. Het is wennen maar het wordt wel opgepakt. De vaart komt er steeds meer in. Uiteindelijk weten bijna iedere 3 minuten een uur lang 5 boten weg te starten. De Technical Delegates van FISA, Svetla Otzetova en Eva Szantos, voorzitter Events Commission zijn best tevreden, maar er is natuurlijk altijd ruimte voor verbetering.


Na de practise starts mag ik nog zo’n 2 uur de spare races starten. Eerst 6 races in de vorm van een time trial. Doordat de meeste ploegen nog nooit time trial hebben gevaren loopt het eerst niet zo soepel, maar door snel wat aanpassingen door te voeren komen we in een lekker ritme. Na 50 minuten varen dezelfde ploegen nogmaals in dezelfde heatsamenstelling twee kilometer boord aan boord.

Daar krijgen we tijdens de start een andere innovatie om mee te dealen: in plaats van rust en stilte worden de ploegen aan de start live geïntroduceerd door het communicatieteam dat ook de videostreaming doet. Dat is nog wel een dingetje. Doordat de ploegen finishen als wij bijna gaan starten worden de ploegen te veel gestoord in het reguliere startritme van 2 minuten, concentratie, roll call, attention en go. Op zich een begrijpelijke innovatie, maar daar moet nog wat op doorontwikkeld worden!


Woensdag 21 juli: kennismaking, baanverkenning, juryvergadering

De eerste juryvergadering is om 8.30, de bus vertrekt om 7.05. Wekkertje gaat om 5.50. Even wat oefeningen, aankleden en naar het ontbijt. Een enorme hal waar we gesepareerd kunnen eten door de inmiddels normaal geworden spatschermen. Naar de bus die strak op tijd naar de baan vertrekt. Daar eerst de veiligheidsprocedure door: temperatuur en dan tassencontrole. Na een goedendag op het FISA-kantoor bij onder meer executive-director van FISA Matt Smith, regattamanager Nathalie Philips die gedetacheerd vanuit FISA inmiddels een paar jaar in Tokyo woont om dit Olympische roeitoernooi voor te bereiden met de lokale mensen en de Nederlandse Lotte Vloedmans die na haar ervaringen op de WK 2014 Amsterdam en haar studie via FISA en vervolgopleiding in Japan bij de Japanse organisatie van het roeien terecht is gekomen en inmiddels ruim vier jaar daar verblijft.
Daarna naar de zaal voor de eerste jurymeeting. In de pigeonholes (postvakken) liggen voor de juryleden de eerste hebbedingen klaar, terwijl we nog niets gedaan hebben! Een roeipin (voor de verzamelaars), een pen en een waaier. We krijgen ook een soort vestje waarin we icepacks kunnen doen.

Tijdens de juryvergadering doen we een kennismaking waarna we de baan rondgaan voor de baaninspectie om alles goed te leren kennen. Samen met twee collega’s word ik ingedeeld op de start. Nog even de bladen doornemen tot in de late uurtjes was toch een goede investering! Onze vesten gevuld met icepacks vertrekken we bij een temperatuur van 30 graden naar de start. Daar aangekomen zie we een paar Nederlandse dames ploegen waaronder de W2x en de W4-. De dames 4- wordt te ver in de startschoenen geduwd waardoor alleen in hun baan de startschoen naar beneden schiet. Dat betekent dat alle schoenen naar beneden moeten en de hele installatie opnieuw omhoog moet worden gebracht. We blijven kalm en met wat vertraging komen ze allemaal goed weg.
Met zijn drieën weten we ook de exotische landen goed te identificeren en het uurtje is zo voorbij. Jammer. Al met al een aardig begin, met nog wat opstartproblemen, maar dat is gebruikelijk in de beginfase van iedere wedstrijd. De komende dagen gaat dat met hard werken van een ieder vanzelf gesmeerd lopen.


Tijdens de lunch schuif ik even aan bij Hessel Evertse. Ook de roeiploeg heeft zo zijn uitdagingen, maar de sfeer is goed. It giet oan! ’s Middags is er niet zo veel meer te doen dus we hangen wat gezellig rond en ik knap een uiltje. Als uitsmijter is er een ontmoeting van alle FISA-mensen (onder meer afgevaardigden van alle FISA-commissies die daar een rol hebben, de mensen van het FISA-kantoor uit Zwitserland en de juryleden) en de lokale organisatoren. Dat is handig want op zo’n wedstrijd werkt het ’t best als je elkaar kent/makkelijk kunt vinden. Normaal met drankje en hapje, maar nu kaal en in de buitenlucht voor de enorme overdekte tribune. Het is niet anders. Daarna moet ik opletten dat ik niet de bus mis, want er arriveert weer een kamprechter uit de VS waar ik bijna te lang mee sta te praten. Precies op het tweeminutensignaal stap ik in de bus.
De eerste dag zit erop. Ondanks alle beperkingen merk ik dat ik toch positiever ben dan waarop ik me had ingesteld. Dat belooft wat voor de komende dagen!


Dinsdag 20 juli: aankomst

Na landing duurde het 8 uur voor we bij het hotel waren. Daar was het handen ontsmetten en temperatuur meten. Na incheck direct naar het Uniform & Accreditation Center (UAC) waar we onze kleding in ontvangst nemen: een sportieve en een nette set. De broek moest wat ingekort en het jasje mocht wat kleiner, maar verder klopten de vier maanden geleden opgegeven maten aardig.
Bepakt en bezakt terug naar het hotel voor een maaltijd in het enige restaurant waar we als buitenlander in mogen (geen mixen met de Japanners!). Overal waar we eten staat tussen ons en de overbuurman een spatscherm zodat de kans op besmetting wordt verminderd. Alleen tijdens het eten worden de mondkapjes afgedaan.
Terug in het hotel nog even de bladen bestuderen van de 80 deelnemende landen. Morgen namelijk practise starts en als je dan op de start staat moet je wel bladen van landen kennen als Qatar, Saoedi Arabië en Vanuatu. Wanneer zie je die nu op een reguliere FISA-wedstrijd? Niet vaak.


On The Record: Onze weg naar Tokio

Roeisters Marieke Keijser (24), Ymkje Clevering (25) en Roos de Jong (27) waren in Tokio om daar hun olympische droom te verwezenlijken.

Deze drie vrouwen van het ANRT, die tevens huisgenoten zijn, hebben de afgelopen twee jaar de hoogte- en dieptepunten in hun voorbereidingen naar de Olympische Spelen gedeeld vanuit hun ‘dagboekkamer’.

Via de AVROTROS mini-serie ‘On The Record: Onze weg naar Tokio’ krijg je een kijkje in het leven van deze drie topsporters op weg naar de allerbelangrijkste wedstrijd van hun leven. In de eerste drie afleveringen van deze serie zie je de weg die de drie roeisters afleggen naar Tokio, in de vierde hoe het uitpakte.

Aflevering 1: Nachtmerrie wordt werkelijkheid 

Kunnen Marieke, Ymkje en Roos de knop omzetten wanneer heel Nederland op slot gaat vanwege het coronavirus, het Olympisch Trainingscentrum sluit en de Spelen uiteindelijk worden verplaatst?

Aflevering 2: Olympische droom voorbij?

Ymkje valt hard tijdens het mountainbiken. Ze zet alles op alles om op tijd fit te zijn voor de Olympische selecties, maar herstelt ze snel genoeg?

Aflevering 3: Op tijd fit voor Tokio? 

Een nieuw Olympisch jaar breekt aan. Waar uitstel voor de één een vloek blijkt, is het voor de ander een zegen. Gaat het lukken om met zijn drieën naar de spelen in Tokio te gaan?

Aflevering 4: Het olympisch avontuur