Eind juni valt het juninummer van Roei! bij de abonnees in de bus. Dat nummer is voor een groot deel gewijd aan toer- en recreatief roeien: tochten in Frankrijk, Zwitserland, op de Waddenzee, en over de organisatie daarvan. Enkele weken later volgt de WK Roei!: een special over de wereldkampioenschappen, die van 24 tot en met 30 augustus op de Bosbaan gehouden worden.
Vooruitlopend op het juninummer noteren we de ervaringen van redactielid Jos Wassink, die deelneemt aan de KNRB Hoteltocht ‘Märkische Umfahrt’ ten zuidoosten van Berlijn. De KNRB organiseert ieder jaar vier hoteltochten, steeds twee keer dezelfde. Deze Märkische Umfahrt is de tweede van dit jaar. Hierna volgen nog twee tochten over de Maas, van Sedan in Frankrijk naar Namen in België. De Maas-tochten zijn eind augustus en begin september. Die zitten al vol, dus als je mee wil, moet je wachten tot het programma 2027 bekendgemaakt is. Informatie over de toertochten van de KNRB in binnen- en buitenland vind je op knrb.nl/evenement/knrb-toertochten.
De Belgische film Skiff draait momenteel in filmhuizen in ons land. Roei!redactielid Ragnar Niemeijer zag de film. Dit is zijn recensie.
Skiffen doe je in je eentje. Eenzaam hoeft dat niet te zijn, als je zoals Karolien Florijn of Simon van Dorp deel uitmaakt van een groter geheel. In hun geval TeamNL Roeien. In de speelfilm Skiff, die in april in een beperkt aantal Nederlandse bioscopen in première ging, oogt hoofdrolspeelster Malou alleen op het water zowel in haar element als alleen. De wat in zichzelf gekeerde roeister bloeit op als ze verliefd wordt op de vriendin van haar oudste broer, Nouria. De vonk tussen de twee slaat over als Malou, gespeeld door Femke Vanhove, Nouria uitnodigt voor een zomerse roeitraining. Daardoor ontstaat een ingewikkelde driehoeksverhouding.
De onmogelijke en verboden liefde tussen de twee pubermeiden wordt prima neergezet en laat de kijker balanceren tussen gevoelens van afkeuring en warmte. Malou is een gedisciplineerde einzelgänger die traint voor de Olympische Spelen, Nouria leeft het leven van dag tot dag en doet waar ze, naar eigen zeggen, zin in heeft. Toch voelt de kijker chemie tussen de tegenpolen Malou en Nouria.
De Belgische film speelt in Willebroek en de roeibaan van Hazewinkel is verschillende keren het decor. Er werd gedraaid in de zomer van 2023. Regisseur Cecilia Verheyden verwerkte haar eigen zoektocht naar haar identiteit deels in de film, die in het Spaanse Gijón werd bekroond met de Fipresci- prijs. Speciaal voor Skiff volgde de Antwerpse Femke Vanhove maandenlang roeitrainingen. Coach Luc Somers gaf in een eerder interview aan dat hij met de film ook hoopt de roeisport in België extra onder de aandacht te brengen. Uiteindelijk draait de film vooral om de liefdesperikelen van Malou en Nouria en minder om roeien. Een must see voor roeiliefhebbers is Skiff, ondanks de naam, daarom niet per se. Dat neemt niet weg dat de film en de cast voldoende overtuigen. Net zoals de roeikunsten van Malou op het water.
Een korte race in Los Angeles, het lijkt een beetje alsof de ultra korte race op de Haagse Hofvijver daarmee te maken heeft, maar dat is niet zo. Die in LA is olympisch, de Hofvijver Regatta in Den Haag is voor het goede doel. In Roei! 69 kijken we hoe het zo kwam dat die baan in LA maar 1500 meter is, en of dat veel voor de roeiers betekent.
Kemal Rijken roeit in Berlijn langs een beladen verleden.
De Delftse postdoc Tom van Wouwe doet biomechanisch onderzoek naar de roeibeweging. Met camera’s registreerde hij de beweging, die hij in een digitaal spierskeletmodel verwerkte – om te ontdekkenn welke spieren precies bijdrage leveren aan de roeihaal. Zo ontdekken ze wat er waarschijnlijk binnen het lichaam gebeurt.
Verder een stoere tocht op de Schelde, onder de titel Flanders Tideway, een evenement dat in het najaar herhaald wordt. Dat er in de vorige eeuw ook al stoere roeiers waren, die de zee op gingen, met beperkt succes, lees je in de bijdrage van Het Roeimuseum.
En zo valt er nog veel meer te genieten in het juniummer van Roei!.
Het uitbrengen van een extra nummer was voor ons een gok. In de eerste plaats, of we het zouden halen, op tijd op de mat bij de abonnees en de roeiverenigingen. Dan: hebben we voldoende verhalen? En natuurlijk of we het konden betalen, want de begroting is gebaseerd op zes nummers. Een substantiële financiële bijdrage van Northwave Cyber Security gaf de doorslag: we gingen ervoor. En het lukte. Adverteeerders haakten aan, en we ontvingen toen en nu ook spontane extra bijdragen van abonnees, zoals van Egbert Broers, die met zoveel plezier in Parijs de Spelen bijwoonde dat hij ons extra steunde.
Intussen deed onze redacteur Dominique Vrouwenvelder voortdurend verslag van de gebeurtenissen. Ze schreef haar ervaringen en wedstrijdverslagen op onze website www.roei.nu, via de QR-code op deze pagina vind je ze direct.
AD-columnist en wielerjournalist Thijs Zonneveld had niet zo veel op met roeien, maar na de finale van de vrouwen vierzonder sluit hij zijn column van 1 augustus af met ‘Geweldige kijksport, dat roeien’.
Of het effect van de successen op de Olympische Spelen blijvend is, moet nog blijken, maar bij roeivereniging Scaldis in Goes meldt bestuurslid Stefess via Omroep Zeeland al dat ze extra aanmeldingen krijgen van herintreders en van mensen die het een keer willen proberen.
We kijken dertien pagina’s lang terug op de Spelen, maar het leven gaat ook gewoon door. Zoals bij de studentenroeivereniging Njord, die 150 jaar oud werd, een boek uitgaf, een nieuwe acht kocht en die Beatrix noemde, Roei! was bij de doop. En dan gingen we in Luxemburg kijken en vonden daar één roeivereniging, zagen we hoe een oceaan-acht ontstond. Kortom, we pakken de draad weer op met stukken voor en over alle roeiers.
Familie en vrienden wachten na afloop van de races ongeduldig voor het hek dat het bezoekterrein scheidt van de rest. Verwachtingsvol turen ze in de verte: komt hun idool nog even langs voor een praatje of een kopje koffie? Het kan nog wel even duren, want de atleten moeten eerst door de zogenoemde mixed zone. Een hoekje op het terrein waar ze de media te woord staan – bij de Olympische Spelen een verplichting.
Samen met het media center is de mixed zone mijn thuisbasis deze week. De mixed zone is een stukje vlonders tussen het botenterrein en de finish en de tribunes. Het is de plek waar ik mijn input haal voor artikelen door de roeiers te interviewen. Soms spreek ik een roeier of coach ‘in het wild’, maar lang niet iedereen blijft na zijn of haar race op het terrein plakken. Zeker niet als het regent (zaterdag en zondag) of heel warm is (alle andere dagen tot nu toe). Tijdens de voorrondes was het erg rustig in de mixed zone. Naast wat buitenlandse pers was ik er de enige die de roeiers vragen stelde.
Vrienden en familie van de roeiers wachten ze op na de races
Het was de eerste dagen een beetje gissen wanneer je een roeier kon spreken in de mixed zone. Na de race doen de roeiers namelijk eerst hun cooling down. Dan de boot uittillen en wegleggen en even nabespreken met hun coaches. Misschien zelfs meteen douchen en omkleden, spullen inpakken zodat ze na de interviews meteen naar het hotel kunnen. Zaterdag stond ik regelmatig een uur of langer te wachten op de roeiers. “Dat wordt beter”, verzekerde de persvoorlichter me.
En inderdaad: een verschil van dag en nacht sinds de start van de finales en niet alleen in de snelheid van de roeiers. Waar ik eerst de mixed zone slechts moest delen met enkele buitenlandse journalisten, staan er tijdens finaledagen tientallen camera’s voor televisie-uitzendingen en minstens zoveel schrijvende journalisten met hun recorders klaar om de roeiers te ondervragen. Sinds woensdag zijn er dus collega’s van onder andere ANP, Trouw, AD, de Telegraaf en de Volkskrant. Het is dringen aan het hek om vooraan te staan. Je staat dan niet zelden schouder aan schouder, of heup aan bil met de rest. Iedereen wil de perfecte audio op zijn recorder.
Ook het interviewen zelf krijgt een andere dimensie als je met zoveel bent. Waar ik in één op één interviews graag een stilte laat vallen om mensen te laten doorpraten, blijkt dat nu een slecht idee. Wanneer collega-journalisten het idee hebben dat de roeier naar het einde van zijn zin toewerkt, vuren ze alweer een nieuwe vraag op hem of haar af. Daarbij geldt de ongeschreven regel dat degene die het hardst roept, het eerst zijn vraag beantwoord krijgt. In bijna alle gevallen is er gelukkig wel tijd voor ieders vragen, maar de pure emoties van tijdens de race zijn dan al wat gezakt.
De collega’s kennen elkaar van eerdere roei-events. Sommigen vinden dat ze daardoor een streepje voor hebben op anderen. Gelukkig heb ik al de hele week staan kletsen met de vrijwilligerscoördinator van de mixed zone. Vandaag werkt dat in mijn voordeel. Als een collega vandaag een grapje maakt, neemt ze het serieus en fel voor me op. “She’s the best. She’s been here all week and is super nice to my volunteers.” De meeste collega’s worden er stil van, maar er volgt toch nog een opmerking in het Nederlands van de eerder genoemde collega. Ze buigt zich naar mij en zegt: “I didn’t understand that, but if it was rude I’ll remove him from the mixed zone.” Iedereen moet lachen. Ik heb mijn positie aan het hek verdiend.
Het gesprek gaat op luchtige toon verder over lievelingssauzen, de verschillen tussen Belgische, Franse en Nederlandse mayonaise, en ‘de grote vier’: pain au chocolat, croissant, chaussons aux pommes en pain aux raisins die ik inmiddels allemaal kan afvinken.
Dan komen de gouden dames aanlopen en is het tijd voor serieuze zaken. Ik heb een eersterangs plek, maar dat betekent wel dat er schouders en heupen tegen me aanplakken. Toch kan ik er wel aan wennen, het sportjournalistenleven.