Ice, ice baby #roeienishetnieuweschaatsen

Door Feike Tibben | 29 januari 2021

Feike Tibben is bestuurslid van de Koninklijke Nederlandsche Roeibond, met als portefeuille sportontwikkeling. Lees alle bijdragen van Feike hier.


‘Krijgen we een Elfstedentocht?’ met die vraag opende op Eva Jinek twee weken geleden het gesprek met een dooi-ontkenner , een fryske tradysje-hooghouder en een weeromroeper. ‘Krijgen we een Elfstedentocht?’.
Ze was niet de enige met een verlangen naar echte winters. In mijn eigen Opregte Steenwijker Courant (‘uw venster op de wereld’) werd deze week teruggeblikt naar de laatste Dorpentocht en de HollandVenetiëtocht, ‘dwars door Giethoorn’ in 2013.
Zowel bij Jinek als in mijn eigen OSC droop de melancholie ervanaf. Nu al 24 jaar geleden (de ‘alve’) of 8 jaar geleden. En hoewel de dooi-ontkenner zijn uiterste best deed om vooral klimaatkansjes te zien, gaf de weeromroeper geen krimp: de kans op een Elfstedentocht zou nu gemiddeld 1 in de 20 jaar (met een 95%-betrouwbaarheidsinterval van eens in de zeven tot eens in de 64! Jaar) zijn maar neemt de komende jaren sterk af. De kans dat het gedurende 15 dagen in de Bilt gemiddeld onder de −4,2ºC is geweest – graadmeter voor een Elfstedentocht – wordt steeds kleiner. ‘Na 2050 is er nog eens kans van misschien één op vijftig’ stelde de weeromroeper resoluut. De dooi-ontkenner werd zichtbaar moedeloos.

Iets dichter bij huis dan die mega-tochten was natuurlijk het nieuws deze week dat al die schaatsverenigingen om de hoek het steeds lastiger hebben. Als roeiers piepen we als we door de corona één jaar moeten skiffen in plaats van ploegroeien. Die ijsverenigingen hebben last van die grotere crisis, die van het klimaat. Ze hebben nu al vier jaar niet open kunnen gaan en trend is niet in hun voordeel.
Ik weet niet hoe het u vergaat maar ik heb een groot zwak voor dat schaatswereldje, een soort slapende folklore-reus die wakker wordt bij het vooruitzicht op een paar dagen vorst. Het maakt mij bijna niet uit in welke tijd van het jaar ik bij zo’n ijsbaan ben, maar je voelt de nostalgie, de romantiek, het gezellige, met z’n allen op het ijs. Het hele dorp, de hele stad, één.

Mooie namen: ‘Voorwaarts Delgauw’, ‘Nooitgedacht’ ‘Eensgezindheid’ of gewoon ‘IJsvereniging Bargeroosterveen’. De locaties passen naadloos op dat beeld: Deze week nog, wandelend door het uitgestrekte Fochteloërveen liep ik zomaar midden in het bos aan tegen IJsvereniging de Kweek uit Veenhuizen.Moeilijk vindbaar? Helemaal niet. Dit zegt hun eigen site: ‘De ijsbaan is gelegen in het bos. De toegangsweg is via het witte bruggetje over het kanaal ter hoogte van de kruising van de Hoofdweg en de Kerklaan.’ Alleen al van zo’n routebeschrijving word ik vrolijk.
Misschien zijn we nog net op tijd om Mark van Wonderen (schrijver van chin.ind.spec.rest een beeldboek te laten maken van al die locaties. Wel een beetje opschieten graag.

Terwijl sommige ijsverenigingen onder die ontwikkelingen kopje onder gaan, zoeken andere nieuwe alternatieven onder het mom ‘van alleen schaatsen ga je het niet reden’ Ze gaan skeeleren, wandelen, klaverjassen. Als ze toch zoeken: kunnen wij ze misschien een handje geven?
Zouden we als roeiverenigingen niet allemaal één dag één ijsbaan kunnen adopteren, zullen we allemaal eens gaan roeien op de ijsbaan. Roeien op de ijsbaan, ja. Een gek idee? Nee hoor. Roeivereniging de IJssel heeft het gedaan. Laagdrempelig, toegankelijk, kennismaken, wedstrijdjes 100m

Goed voor de ijsvereniging, goed voor de roeisport. Doen? We kunnen wel wat gekkigheid gebruiken. #rihns

Vier foto’s van Freddy Schinkel en één van Richard Tennekes:

previous arrowprevious arrow
next arrownext arrow
Shadow
Slider