Snoeken zijn van alle tijden

OProeien toen – aflevering 44
Door Jan Op | 11 augustus 2021

Ik, Jan Op den Velde, 90 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag.
Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.


Olympische Spelen 1952, de vierzonder van Laga: herkansing na de afgang van gisteren toen ze als laatste aankwamen.

1500m. Als we hier achter zouden liggen: omhoog en ongeveer 60 à 70 halen in hoog tempo (32/34) om op de finish te arriveren. Dat moeten die verdomde Italianen niet kunnen opvangen(?). Maar dat is helemaal niet nodig. We liggen zo ver voor dat we rustig de wedstrijd kunnen uitvaren. Dus is mijn eventuele commando voor die eindspurt niet nodig. Gewoon lekker doorvaren. Maar de 3 heeft zich helemaal geconcentreerd op die laatste 500m. Waar blijft mijn commando? Blijft uit. Dat is volgens de drie een grote nalatigheid! Vergeten?

Hij draait zijn hoofd een kwart slag naar mij toe en sist: eindspurt gvd!. Daarbij trekt hij zijn riem een stukje mee. De dol draait mee waardoor de riem klem komt te zitten, het blad blijft horizontaal met het bekende fatale gevolg: SNOEK. Op zich geen probleem. Snel weer oppakken en… door de klap over stuurboord slaat de riem van de boeg door de overslag van de (ouderwetse) dol. Dat kan ik niet zien. Dus hebben we al snel het water weer goed te pakken. Behalve de boeg. Zodra we weer gaan halen roept de boeg: Neeee! Zijn riem ligt langszij. Hij was juist bezig de riem weer in de dol te leggen. Dus laten lopen, riem in de dol en… de Italianen zijn ons gepasseerd en liggen genoeg voor om als eerste de finish te passeren.
Ik kan me gelukkig niet herinneren hoe ik deze tweede dreun te boven ben gekomen. We moeten natuurlijk zo snel mogelijk van het water af en dat geeft enige afleiding. Wie is de schuldige? De drie? Hij veroorzaakte ons verlies. Maar de snoek ontnam ons niet de overwinning. In feite de conditie van de boot. Harrie mocht niet mee en de  zogenaamde “bootsman” is de coach van Robbie van Mesdag. Jaap mocht anders niet mee!

Ter verduidelijking:  De rigger is van ijzer, de dol van brons en de overslag van koper. Kunststof (behalve bakeliet voor de elektronica) bestaat nog niet. Brons is hard materiaal, koper is minder hard. Dat slijt dus het meest. Bij veel gebruik, zoals bij schroefdraad, komt er een moment dat de overslag moet worden vernieuwd omdat de schroefdraad is versleten. De boeg heeft dat moeten melden nadat hij al eerder heeft gemerkt dat de dol niet goed sluit. Maar zoiets komt niet gauw in het klachtenboek. Het “gaat nog wel even mee”. Als Harrie zoals gebruikelijk/noodzakelijk met ons was meegegaan – ook voor de andere ploegen – is er een goede kans dat ons deze ramp niet was overkomen. Als…., als… is nutteloos. Kans op een gekleurd blik? Zullen we nooit achter komen.

Even terug in de tijd. Onze toevoeging aan de al (te) vroeg geregelde afvaardiging naar de O.S. was een ongemakkelijke beslissing voor het Olympisch Comité. Alles al op tijd geregeld, ook internationaal. Terwijl de kwalificatie nog niet eens was voltooid. Maar gezien de resultaten kon men niet om ons heen. Dus met enige tegenzin er toch bij. Maar zonder coach! Terwijl alle andere ploegen natuurlijk mét coach worden uitgezonden. Dan gaan wij natuurlijk niet mee. Die beslissing werd onder druk van de Roeibond teruggedraaid.

We verliezen onze wedstrijd en moeten meteen weer terug. Waar blijft de Olympische gedachte? We mogen toch nog even blijven. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de voetballers. Die verliezen ergens in een stad elders. Vervolgens worden zij, inclusief reserves en een reeks begeleiders ergens in Helsinki ondergebracht en blijven tot en met de Sluiting. En dat zijn ook “amateurs”!. Professionals mogen niet aan de Spelen deelnemen. Zo zijn we weer bij.

Daar staan we dan voor een foto bij het afscheid van de baan. 4- + coach. We blijven een ploeg. We hebben de moordplannen voor we aanleggen alweer in ’t water gesodegooid. (De broeken die voor ons zijn gemaakt duiden op dikkere benen).

Wat nu? Wel nog belangstelling voor onze collega’s in de andere heats. Maar hen lekker zien roeien bedreigt ons met acuut hartfalen. We zijn duidelijk toe aan een flinke borrel. Maar dat gaat niet lukken want Finland is drooggelegd. Na de kort daarvoor beëindigde oorlog met Rusland heeft een golf van dronkenschap het land overspoeld. Voornamelijk de weinige van het front teruggekeerde militairen. En openbare dronkenschap levert werkstraffen op. Zo is de landingsbaan van het nieuwe vliegveld met behulp van werkgestraften aangelegd.

Maar er is een oplossing. Het schip dat onder andere onze boten heeft gebracht, ligt afgemeerd in de haven. Een bezoek levert het gedroomde vocht. Er is een bioscoop ingericht als balzaal. Plek voor consumptie. De overmaat aan Finse dames levert een geselecteerde danspartner. Hoe vind je een geschikte in de menigte? Er is een balkon dat overzicht geeft. Terwijl we onze nederlaag verdrinken zien we ons doel: kleur onthouden, naar beneden en dan dat doel zien te vinden.

Einde seizoen 1952, maar Jan gaat nog even door.