Roeisters Marieke Keijser (24), Ymkje Clevering (25) en Roos de Jong (27) waren in Tokio om daar hun olympische droom te verwezenlijken.
Deze drie vrouwen van het ANRT, die tevens huisgenoten zijn, hebben de afgelopen twee jaar de hoogte- en dieptepunten in hun voorbereidingen naar de Olympische Spelen gedeeld vanuit hun ‘dagboekkamer’.
Via de AVROTROS mini-serie ‘On The Record: Onze weg naar Tokio’ krijg je een kijkje in het leven van deze drie topsporters op weg naar de allerbelangrijkste wedstrijd van hun leven. In de eerste drie afleveringen van deze serie zie je de weg die de drie roeisters afleggen naar Tokio, in de vierde hoe het uitpakte.
Aflevering 1: Nachtmerrie wordt werkelijkheid
Kunnen Marieke, Ymkje en Roos de knop omzetten wanneer heel Nederland op slot gaat vanwege het coronavirus, het Olympisch Trainingscentrum sluit en de Spelen uiteindelijk worden verplaatst?
Aflevering 2: Olympische droom voorbij?
Ymkje valt hard tijdens het mountainbiken. Ze zet alles op alles om op tijd fit te zijn voor de Olympische selecties, maar herstelt ze snel genoeg?
Aflevering 3: Op tijd fit voor Tokio?
Een nieuw Olympisch jaar breekt aan. Waar uitstel voor de één een vloek blijkt, is het voor de ander een zegen. Gaat het lukken om met zijn drieën naar de spelen in Tokio te gaan?
OProeien toen – aflevering 42 Tekst en tekeningen Jan Op | 15 juli 2021
Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag. Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.
Probleem! Kwalificatie mislukt [zie vorige aflevering]. Alle “rechters” en bestuur NRB [de Roeibond, voordat die koninklijk was, red.] in conclaaf. En er speelt nog een probleem. De NRB heeft op bevel van het Nationaal Olympisch Comité al vroeg in het jaar op moeten geven welke ploegen naar de Olympische Spelen zullen worden afgevaardigd Dat in verband met het budget.
Dus heeft de Roeibond (op grond waarvan?) de skiff (Rob van Mesdag), de 2- (Triton), en de 4+ (Nereus) opgegeven.
Nu duidelijk is dat in de 4- grote (blik-)kanshebbers zitten en de Roeibond een 4- wil toevoegen aan de al vaststaande equipe, is daarvoor geen geld beschikbaar. Als Laga zich kwalificeert heeft Oud-Laga een goed gevulde kas.
Om het kwalificeren toch mogelijk te maken kan dat niet tijdens de volgende wedstrijd. Dat zijn de Nationale Kampioenschappen die plaats vinden als de OS al zijn begonnen. De enige mogelijkheid is het volgende weekeinde, 29 juni 1952. Maar dan is de Bosbaan bezet door de Kanobond. Deze bond is bereid om in de pauze de “trial” toe te staan. We hebben dus nog een week om klaar te zijn voor de eindstrijd.
Onze boot blijft op de Bosbaan en wij pendelen tussen Delft en Bosbaan. Geen beste manier om fit in de boot te stappen. Pakje boterhammen mee in de trein en nog een stukje lopen van de laatste halte van de tram (bij het Olympisch stadion) naar de Bosbaan. Waar we ’s avonds eten en de ingrediënten van het diner is niet meer terug te vinden in mijn geheugen. Het zal nu met enige verbazing (verbijstering?) worden gelezen. Ik vermoed dat we niet elke dag op die manier trainden. In Delft, bij gebrek aan nog een 4-, mogelijk in een 4+.
De dag, 29 juni 1952, staat er een briesje mee over de Bosbaan. Het is zonnig. We hebben het nog nooit zo druk gezien op de volgweg. Vrijwel alle leden van WIII en Laga zijn met fiets aanwezig. Er is nauwelijks plek voor de auto’s van Hoge Heren (nog geen Hoge Dames) en verslaggevers. We liggen nu op de boeien 2 en 4.
De kano’s op land opgeslagen, WIII en wij aan de start. Ik weet niet meer of de OS een onderdeel uitmaakt van onze motivatie. Ik denk het niet. Wij zijn opgevoed met elke wedstrijd winnen. Ook vandaag. Ik neem wat tekst over uit de krant:
Met deze prachtige race kregen de moeilijkheden (van vorige week) een sportieve oplossing. Beide ploegen toonden dat zij uitzonderlijk snel waren en op internationaal niveau staan. Laga won omdat het na een voortreffelijk gelukte start keihard doorging (1000m in 3.07) en op de ploeg van WIII voldoende voorsprong nam om zelf tot rustig roeien te komen en de nerveuze Amsterdammers geen gelegenheid tot kalmeren te geven.
Omtrent de 1500m, toen WIII omhoog ging voor de laatste aanval, ging het bij Laga even rammelen (niet waar), het sturen werd minder (jammer, want bij een rechte koers was de ploeg onder de 6’30” gekomen) en WIII, dat na een matige eerste helft zijn ritme hervonden had, liep hard in. Maar niet verder dan driekwart lengte want op de laatste 150 meter herstelde Laga zich voortreffelijk en ving de aanval van de Amsterdammers goed op. Het prachtige roeienvan de ploeg toonde aan dat haar kwaliteit uitging boven die van de ploegen die de laatste jaren ons land vertegenwoordigden. Tijd: 6’30.2” , WIII: 6’31.7”.
(Onze tijd heeft vele jaren onbereikbaar op de recordlijst gestaan).
[Hier maak ik even een sprong van ca 40 jaren. Ik sta samen met Rob Jansen, de boeg van die WIII-vier, aan de bar bij WIII (koffie!). Even verder zit Helmers, de coach van de concurrent. Rob roept hem erbij en vraagt of hij mij nog kent: ”Je weet wel van de Laga-vier. Ja van die ploeg die drugs gebruikte. Ze stortten in bij de finish”. Hij weet blijkbaar niet dat we zijn opgevoed om te winnen met 100% (of meer) inspanning. Van “drugs” hadden we nog nooit gehoord].
We zijn onder de hoede van het NOC gekomen. Er is haast geboden want er moeten de nodige handelingen worden verricht. Zoals een Olympisch pak. Daarvoor gaan we naar Den Haag. Want voor alle kleding wordt de maat genomen om er “netjes” uit te zien. Behalve voor ondergoed, sokken en schoenen. Het moet niet te duur worden.
Dan wordt een ontdekking gedaan die aantoont dat we de juiste eenheid vormen. Onze maten (voor de kleding) zijn allemaal gelijk.
OProeien toen – aflevering 41 Tekst en tekeningen Jan Op | 8 juli 2021
Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag. Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.
Het is nog steeds 1952
We liggen aan de start. 4- op het Nereuslustrum. Willem III onze enige tegenstander. Eerder van gewonnen maar vorige keer verloren! Dat zal niet weer gebeuren. We laten WIII niet voorgaan. Dat het om de kwalificatie voor de Olympische Spelen gaat speelt nauwelijks een rol. Zeker niet voor mij. De motivatie is zoals altijd: winnen. Wat daarna komt zien we dan wel weer. Uit de annalen:
Bij de start is WIII ons iets te vlug af. Of Kees ons iets meer naar het midden stuurt vanwege de slechte boei 1? Het resultaat is dat we WIII hinderen en dat de strijd op last van de kamprechter wordt gestaakt. We zijn al op 500 meter en te ver weg om opnieuw te mogen starten. Wij worden gediskwalificeerd. Normaal gesproken vaart de andere ploeg naar de finish en heeft het blik op zak.
Maar dit is niet zomaar een wedstrijd! Heeft WIII zich nu gekwalificeerd voor de OS? Beide ploegen liggen te wachten op het oordeel dat de Technische Commissie zal vellen. De karavaan op de volgweg staat plotseling stil. Vol met vraagtekens. Slechts het ruisen van de wind in de hoge populieren en het gekabbel van de golven tegen de boot is hoorbaar. De kamprechter en de Technische Commissie zitten onder hoogspanning in hun auto. Reglementair heeft WIII gewonnen (moeten ze nog wel de finish passeren). Maar zich niet gekwalificeerd. Oordeel: opnieuw starten. Het kwalificeren gaat blijkbaar boven de spelregels van het roeien.
Naar de start. Kamprechter en mede-rechters hebben ingezien dat op boeien 1 en 2 varen niet verstandig is. We starten nu op boei 2 en 4. De krant:
Dat tot overroeien werd besloten was begrijpelijk doch waar de aanvaring op ongeveer 600 meter plaatsvond en beide ploegen reeds veel lichamelijke en geestelijke energie hadden verbruikt lijkt mij de beslissing dit overroeien onmiddellijk te laten geschieden, gezien de bedoeling van de race, onjuist. De tweede race kreeg een dramatisch einde…
We starten dus opnieuw. Onder dezelfde weersomstandigheden. Zonder dat te weten: op boei 2 meer stroom tegen. Dat is geen excuus om op ca 1000 meter een lengte achter te liggen. Ik (geef op twee de commando’s, beter te horen door de anderen en met “internationale” ervaring) geef het commando om 30 halen met nog meer kracht en in hoger tempo te maken. En verd… we lopen in. En dan gebeurt er iets onwaarschijnlijks. Plotseling varen wij WIII met een rotgang voorbij!! Ze liggen stil. De twee is afgeknapt. We hebben geen medelijden en varen door. Maar…. we waren gediskwalificeerd. Het opnieuw starten is buiten de roeiregels gebeurd. Dus hebben we niet gewonnen. (Een speciale vraag voor het kamprechtersexamen?).
Geen kwalificatie voor de Olympische Spelen. Echter… beide ploegen zijn van “OS.-kwaliteit”. Een speciaal probleem voor de Roeibond. En er speelt nog meer een rol.
OProeien toen – aflevering 40 Tekst en tekeningen Jan Op | 1 juli 2021
Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag. Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.
In de nummers 35 tot en met 44 van Roei! hebben we roeiers uit net nationale roeiteam geïnterviewd. Die interviews hebben we gebundeld. We hebben de ploegensamenstellingen toegevoegd. En het tijdschema van het roeitoernooi, dat van 23 tot en met 30 juli gehouden wordt.
Dat allemaal is nu als Olympische Roei!gids te lezen en te downloaden. Gratis, van het blad voor alle roeiers. Je vindt hem hier.
Roei! 44 pagina 36-39
Het fotoboek van Ernst de Jonge
In de nalatenschap van Jan Maurits de Jonge, die in 2017 overleed en mede-oprichter was van Roei!, kreeg Het Roeimuseum inzage in het olympische fotoboek uit 1936 van Ernst de Jonge. Ernst was een oom van Jan Maurits. Namens Njord nam hij dat jaar in Berlijn deel aan de Olympische Spelen in de twee-met-stuurman. De Jonge overleefde als geheim agent de oorlog niet en werd later bekend door het boek Soldaat van Oranje. In dit nummer van Roei! staat het verhaal van Ernst en zijn ploeggenoten in Berlijn. Het hele fotoboek is te zien in Het Roeimuseum.
In Harderwijk is op zaterdag 19 juni roeivereniging Harder officieel opgericht. Het roeiwater is het Wolderwijd en het Veluwemeer, een mooi gebied voor coastal roeien waar de vereniging zich in specialiseert. De vereniging heeft al drie boten, dat is het belangrijkste. Er is nog geen plek gevonden voor een clubgebouw. Op de foto duwt Marcel Companjen, de Harderwijkse wethouder van Sport, de eerste boot van de nieuwe club, de van KNZ&RV overgenomen Amalia, af als symbolische start van de RV Harder.
Kees Verweel (1963), actief sloeproeier sinds 1980. Woont met Silke aan de Oosterschelde in Kattendijke (Zeeland). Drie volwassen kinderen. Initiator en beheerder van www.sloeproeien.nl. Bij diverse verenigingen geroeid, eind 2019 medeoprichter van de nieuwe club Sloeproeien Zeeland waar we in de zesriemer Seelandia roeien. Lees alle bijdragen van Kees Verweel hier.
Na 9 maanden coronapauze roeit de Nederlandse sloeproeivloot inmiddels alweer twee weken! De social media stroomden 5 juni vol met berichten van teams die eindelijk weer aan de riemen mochten. Heel veel blije gezichten, en foto’s van de eerste blaren, prachtig!
Onze eerste trainingen werkten we zondag de 6e af. De dames trapten af, aangevuld met een paar heren om de boot vol te krijgen. En aansluitend gingen de heren hun eerste rondje doen. Toch een beetje vreemd om ineens schouder aan schouder met een ‘vreemde’ te zitten, maar dat gevoel was binnen vijf minuten weg. Zalig om weer die riemen door het water te zien glijden, mooi in cadans. Top om weer die spieren te voelen! We kunnen eindelijk weer verder gaan vanaf het punt waar we moesten stoppen; conditie opbouwen, nieuwe leden werven en kilometers maken. We zijn weer lekker twee keer per week op het Veerse Meer te vinden. De persconferentie van gisteren doet er nog een schepje bovenop want er mogen vanaf 26 juni ook weer wedstrijden georganiseerd worden, dus waarschijnlijk kunnen we binnenkort ook eindelijk onze eerste race tegen andere sloepen gaan roeien. En dus ook weer andere teams ontmoeten, voor mij is dat inmiddels 21 maanden geleden!
Laten we hopen dat er tijdens de vakantieperiode geen vervelende coronamutanten mee terugkomen naar Nederland, en dat we het resterende seizoen elkaar weer vaak zullen treffen op of bij het water. Op 2 mei 2020 schreef ik mijn eerste bijdrage over sloeproeien tijdens de coronacrisis, vandaag nummer 52 en een mooi moment om hiermee de reeks af te sluiten.
Ik wens iedereen heel veel roeiplezier toe tijdens jullie trainingen, toertochten en wedstrijden!
OProeien toen – aflevering 39 Tekst en tekeningen Jan Op | 16 juni 2021
Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag. Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.
Het “bronzen” blikje (nauwelijks 2 cm doorsnede) van de Europese Kampioenschappen van dit jaar heb ik op zak. Seizoen afgesloten. Tot de Head van volgend jaar, 1952, geen “echte” wedstrijden meer.
Maar de terugreis vanuit Macon bevat een speciaal aspect. De aanwezigheid van damesploegen is niet ongemerkt voorbijgegaan. Er zijn gemengde ploegjes geformeerd tijdens het feestelijke afscheid van Macon. Dat leidt tot echtelijke verbintenissen: Spaarne-Laga. Later hoor ik dat de dames uitermate vereerd waren met de belangstelling van de als ruw bekend staande Delftenaren! Maar ze zullen zonder twijfel zelf ook hun bijdrage hebben geleverd.
Het nieuwe seizoen begint omstreeks begin oktober. Dan blijkt wie er dit jaar opnieuw halen wil maken om de eer van Laga te verdedigen. Meestal zijn dat er omstreeks vijftien. En ook nog een leger eerstejaars die eerst door de “zeef” gaan. Van de omstreeks 80-100 stuks zullen er 20 à 30 overblijven. Veel van deze eerstejaars zijn vaak op school voor “gym” elders te vinden. Met als gevolg dat hun lichaam geen idee heeft hoe het moet reageren op de commando’s van de eigenaar. En dus is deze categorie aanbevolen om het volgend jaar nog eens te proberen. Mijn “staat van dienst” helpt om in de Oude Vier mee te mogen varen.
1952
De NRB heeft voor het komende seizoen de wedstrijden op een rijtje gezet. De verenigingen hebben dat rijtje goedgekeurd. Van de 18 is de helft een boord-aan boord wedstrijd over 2000 meter. Laga en de andere studentenverenigingen plus enkele burgerverenigingen doen daaraan mee. Het is mogelijk interessant voor huidige generaties om die agenda te tonen. De wedstrijden waaraan we deelnemen zijn met stip aangegeven. In het najaar geen wedstrijden. Kansen om een flink aantal blikken op “de lijst” te krijgen is beperkt .
Maar terug naar de drijfveer van deze kolommetjes: roeien. Dit jaar neemt Laga alleen met twee jonge ploegen deel aan de Head. De nadruk ligt dit jaar op twee vieren. Natuurlijk de 4+ voor de Varsity en een 4-. De laatste met onder andere de slagen van de succesvolle jonge acht van vorig jaar. Na twee jaren in de boot met een stevig stuk hout in de handen en de bijbehorende successen heb ik de smaak te pakken. En ik mag op 2 meevaren in de Oude Vier. Dat levert een flinke deuk in mijn roei-welzijn op. We worden derde.
Dan wordt de deuk iets minder diep. Ik word overgeplaatst naar de 4-, gecoacht door Jo, mijn coach van vorig jaar. Zijn studie verhindert de functie van hoofdcoach. Op boeg een voormalig roeier van een 4- van Willem III. Dit seizoen is WIII onze voornaamste tegenstander die het ons flink zuur maakt.
De eerste uitdaging is Hollandia. Vrijdagavond ons eerste duel tegen WIII. Stuurloos(!!). Slechts twee ploegen over de smalle Hollandia-baan. Ik laat de krant het verslag geven:
…de vier zonderstuurman op de eerste dag van de wedstrijden een uitstekende prestatie door de heat te winnen in de bijna onwaarschijnlijke snelle tijd van 7’05”4. De tijd betekent een royale verbetering van het baanrecord: 7’16” gevestigd in 1950 door Njord.
De volgende dag winnen we met een ruime voorsprong van Njord. Blik!
OProeien toen – aflevering 38 Tekst en tekening Jan Op | 9 juni 2021
Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag. Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.
Finale 8+, EK 1951, Macon, op de (mee-)stromende Saône. We roeien op om de strijd (weer) aan te binden tegen de Denen vergezeld door de Engelsen (groot deel van de ploeg waarvan we in Henley verloren) en Joegoslavië. We hebben tegenstanders die net iets sneller waren dan wij. Dat laten we niet weer gebeuren.
Aan de start: ik kan de tegenstanders niet zien. Die liggen aan stuurboord. Niet van belang want alleen het blad van de slag is onze maatstaf. Êtes vous prêts, (één, twee, Laga weg) partez!
We hebben alvast twee metertjes gepakt. Ter informatie: aligneren? Lastig. Startbakjes met jeugdige vasthoudertjes erin? Onbekend. De kamprechter staat in zijn boot ter hoogte van de startlijn. En start de ploegen zodra hij vindt dat ze ongeveer gelijk liggen.
De Franse verslaggever: Départ en flèche des Hollandais! (als een schicht/scheet). De Telegraaf (Aad van Leeuwen):
De EK die een zó hoog roeipeil te aanschouwen gaven als na de oorlog nog niet het geval is geweest, kregen met deze race in de acht een onvergetelijk slot… Drie ploegen die boord-aan-boord streden en wier verschillen bij de finish slechts in honderdsten van seconden kunnen worden uitgedrukt.
Ik heb op televisie gezien dat er tegenwoordig roeiers zijn die het water voor straf(?) een flinke klap geven als ze te laat over de finish varen. Achteraf had ik dat ook kunnen doen.
Dit was onze laatste wedstrijd dit jaar. Hoogste tijd om de kroeg met de goedkope champagne te gaan bezoeken (ondanks onze ervaringen met onze stuurman). Van de schrale francs blijken we makkelijk te kunnen betalen. De gevolgen doen onze teleurstelling sterk verminderen. Dan horen we iets ongelofelijks: je krijgt ook een blik als je tweede of derde bent! Wist ik niet. In ieder geval moeten we snel naar de prijsuitreiking om de Engelsen te feliciteren. We kunnen ongeveer vijf man vinden om deze taak uit te voeren. We zijn inderdaad nog net op tijd om de Engelsen gedisciplineerd en keurig gekleed in witte blazers de trap af te zien dalen naar het ere-vlot. (Het peil van de rivier ligt ongeveer 5 meter lager dan de wal). Keurig opgesteld in de juiste volgorde. De Denen zijn ook compleet en staan netjes in de rij.
Dan zijn wij aan de beurt. Met z’n vijven stommelen we de trap af in vijf kleuren rood. Dan zien we Peter onze blikken alvast in ontvangst nemen. Hij vindt het zijn taak om te zorgen dat we onze (zeer kleine) blikjes zullen krijgen. Maar 9 doosjes is toch teveel voor de omvang van zijn handen. Dus helpen we oprapen. Netjes in een rij opgesteld staan lukt niet meer. Bovendien zou het maar een klein rijtje zijn waarvan niemand gelooft dat we met een dergelijk kleine bemanning in een acht zaten.
En dan komen we een plicht tegen die ons is geleerd door oud-leden. Een “premie” (geen “blik”) is Laga onwaardig en dient met een grote boog te water worden geworpen. Gevolgd door plassen op de plek van de van de tewaterlating. Dat plaatst je toch voor een dilemma.
Ik heb ‘m stiekem in mijn zak gestopt.
Ons optreden: onvolledig de trap af, in veelkleurig beschadigd “rood” gekleed, deed de Roeibond besluiten dergelijke vertoningen niet meer toe te laten. Ik weet niet (meer) of er daarna “nationale” blazers in gebruik zijn gekomen. Vermoedelijk te duur.
Kees Verweel (1963), actief sloeproeier sinds 1980. Woont met Silke aan de Oosterschelde in Kattendijke (Zeeland). Drie volwassen kinderen. Initiator en beheerder van www.sloeproeien.nl. Bij diverse verenigingen geroeid, eind 2019 medeoprichter van de nieuwe club Sloeproeien Zeeland waar we in de zesriemer Seelandia roeien. Lees alle bijdragen van Kees Verweel hier.
Deze week stond in het teken van aftellen tot vandaag. Vandaag mogen we weer! Vele sloepen gingen afgelopen week alvast te water, nadat ze uit alle verborgen hoeken van schuren en tuinen tevoorschijn kwamen. Er werd eerst druk gepoetst en geschrobd om het vuil van vele maanden te verwijderen, en er werd op Facebook heel veel gedeeld over deze activiteiten. Het was dus erg onrustig afgelopen dagen, de roei(st)ers stonden allemaal ongeduldig te popelen om weer te mogen roeien! Een enkel team kon niet wachten en ging al een rondje doen. Onze sloep hebben we maandag te water gelaten, dus ik heb al een kilometertje geroeid om de sloep naar haar ligplaats te roeien. En dat voelde al erg goed! Oké, we zaten maar met z’n tweetjes op de doften, maar toch… ik kan niet wachten tot morgenochtend 10:00 uur, want dan is onze 1e training van 2021! De dames mogen al een uurtje eerder. Lekker het Veerse Meer op, en de corona kilo’s er af roeien. De dagen erna weer ‘lekker’ spierpijn hebben, en weer eelt op de handen kweken. Machtig!
Herman Engbers – sloeproeier bij Hattem Roeit – trok afgelopen maand met zijn camera van Groningen en Delfzijl tot aan Vlissingen door het land en vereeuwigde 9 sloepen die verstopt in schuren en tuinen geduldig de lockdownperiode stonden af te wachten. De prachtige collage is een stille getuige van de 1e helft van sloeproeiseizoen 2021…