Hollands glorie via yellow brick

Door Kees Verweel | 19 december 2020

Kees Verweel (1963), actief sloeproeier sinds 1980. Woont met Silke aan de Oosterschelde in Kattendijke (Zeeland). Drie volwassen kinderen. Initiator en beheerder van www.sloeproeien.nl. Bij diverse verenigingen geroeid, eind 2019 medeoprichter van de nieuwe club Sloeproeien Zeeland waar we in de 6-riemer Seelandia roeien. Lees alle bijdragen van Kees Verweel hier.


De lockdownregels zorgen ervoor dat je redelijk aan huis gekluisterd bent, en afgelopen week heb ik gemerkt dat ik wellicht mede hierdoor nogal verslingerd ben geraakt aan Yellow Brick Tracking, en dan vooral de versie via je browser.
Hoe moet dat zo’n 40 jaar geleden zijn geweest? Oceaanroeiers hadden geen grote kortegolfzenders aan boord. Communicatie via de satelliet kon in die tijd nog niet, uitsluitend zo nu en dan een éénrichtingverkeer positie fix van SatNav wat toen al – in afwachting van het nieuwe GPS-netwerk – forse perioden van ‘no fix’ liet zien, en de fix die je ontving verscheen niet keurig op een schermpje zoals nu, dus de roei(st)ers van toen moesten dan ook nog eens op een papieren kaart hun positie plotten. Dus na vertrek was het vooral een hele lange tijd heel stil voor het thuisfront. Wekenlang wachten op een teken van leven, en je afvragen hoe ver ze zouden zijn en welk weer ze onderweg hadden.
En kijk nu! Via Yellow Brick kun je nagenoeg live de Talisker Whisky Atlantic Challenge 2020 volgen! Meerdere malen per etmaal ontvangen we een update van de posities, met automatisch de stand in het klassement en een update van de ETA (het verwachte finishtijdstip) berekening. Verder kunnen we wind, stroming, luchtdruk, bewolking, regen en golven zien, echt prachtig hoe de huidige technieken alles op je scherm toveren! Je kunt zelfs de afstanden tussen de verschillende boten plotten. En als je niet achter een tablet of pc zit is er nog de YB Race app waar – met iets minder informatie over stroming, luchtdruk etc – de challenge ook uitstekend is te volgen. En als je dan ook nog de diverse socialmediakanalen volgt, zie je regelmatig foto’s of filmpjes binnenrollen rechtstreeks vanaf de oceaan. Foto’s van de roei(st)ers en de machtige oceaan, maar ook filmpjes van een school dolfijnen onder een roeiboot, echt schitterend! Dus ik kom deze vreemde kerstdagen en laatste week van 2020 wel door, no problem!

Onze Nederlandse teams doen het overigens heel erg goed op de oceaan. De 2 mannen van Row4Cancer liggen na bijna 8 dagen sinds de start vanaf dag één op kop, zowel overall als 1e van de duo’s en 1e van de open klasse, echt een prachtprestatie! Ze hebben er inmiddels bijna 700 zeemijlen (bijna 1.300 km) opzitten in een week tijd. Ze liggen bijna 50 zeemijlen voor op nummer 2. En dan de Atlantic Dutchesses: deze 4 dames liggen al dagen op een prachtige 6e positie overall, zijn 5e in de ‘fours’ en 5e in de race klasse, met alleen maar herenteams voor zich, oftewel ze liggen van de damesboten in de 1e positie, een topprestatie! Het derde Nederlandse team, de Dutchess of the Sea, liggen momenteel 12e overal en 9e in de ‘fours’. Ze zijn de afgelopen week vanaf een 17e plek overall opgeklommen naar deze 12e positie. Van de dames liggen ze 3e en kruipen ze langzaam naar voren. Wat een Hollands Glorie! Via sloeproeienNL geef ik regelmatig een update!

Rest mij om iedereen via deze weg alvast fijne Kerstdagen en een gezond nieuwjaar toe te wensen! Mijn volgende blog volgt op 2 januari 2021…


De echte verandering III: een complete sport

Een serietje over licht en coastal

Door Feike Tibben | 19 december 2020

Feike Tibben is bestuurslid van de Koninklijke Nederlandsche Roeibond, met als portefeuille sportontwikkeling. Lees alle bijdragen van Feike hier.


Onder roeiers maar al te populair: ‘Licht roeien is als basketballen voor kleine mensen’. Oftewel: ‘We kijken er wat ginnegappend naar, maar je moet het niet al te serieus nemen. Het échte roeien is een sport van grote, zware mannen en vrouwen. De rest: Spielerei.’

Natuurlijk zit er een zekere lichtheid in die spot en moeten we dat niet al te serieus nemen. Maar toch… het stoort me toch ook. We zeggen toch ook niet dat Usain Bolt, king of sprint, een marathonloper is zonder uithoudingsvermogen. Of dat Eliud Kipchoge, wereldrecordhouder op de marathon, een lousy atleet is omdat ‘ie maar niet op gang komt. Of dat Roy van de Berg met z’n 75 cm om die reden een betere wielrenner is dan skinny Tadej Pogačar.
De compleetheid van het roeien toont zich in het grote aantal nummers. Skiff, dubbel, quadrupel, octet, boord, scull. (‘Waar kijk ik naar’, vroeg een bekende hockeyster me op de Holland Beker, ‘de heren waren toch net al?’) Behalve het grote aantal nummers is het voor de rest eenheid wat de klok slaat: iedereen vaart de standaard 2000 meter. Allemaal 2000 meter, met als enige verschil het type boot.

Als een schaatstoernooi voor schaatsers die allemaal 1500 m schaatsen: een groep op houtjes, een andere op vaste noren, een derde groep op klapschaatsen, en een vierde keer in een groepje kop-over-kop. Of de atletiek met maar één afstand: een keer voor iedereen op blote voeten, een keer voor mensen met gympen, en één voor trotse vaporfly-eigenaren.
Kijkend naar bijvoorbeeld atletiek, wielrennen en schaatsen in vergelijking tot roeien, dan hebben die andere prestatiesporten een grotere variatie: van sprint tot marathon, van 200 meter met vliegende start tot Tour de France of van 500 meter tot 10 km of 50 rondjes massastart. Dezelfde sport, maar met variëteiten die een ander fysiek vragen. Daar hebben we geen discussie of lang, kort of licht, zwaar: je zoekt het nummer waar je fysiek het best tot z’n recht komt en gaat excelleren.

En ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar het meest interessant vind ik de afstanden waar specialisten uit verschillende disciplines de degens kruisen: de 200 meter waar sprinters en 400 meter-lopers elkaar treffen of de 1000 meter schaatsen waar een snelstartende sprinter stervend vooruit probeert te blijven voor de sluipend naderende 1500 meterspecialist. De Giro met klimmers versus tijdrijders.

Het bruggetje naar het roeien is snel gemaakt: met het coastal roeien voegen we meer toe dan alleen ander water, meer dan alleen een mixed nummer. ‘Als de afstand langer wordt, heb je minder aan lengte en kracht. Dan gaan andere fysiologische variabelen een rol spelen. Als het op uithoudingsvermogen aankomt, zijn kleinere, lichtere mensen in het voordeel’, stelt Hessel Evertse in de Roei! van oktober 2020. Kijk aan!

Met coastalroeien wordt het echte roeien, het gewone roeien uitgebreid. We gaan op weg naar het complete roeien. De lichte roeiers: de klimgeiten van de roeisport. Dansend op de golven.


Beter opletten

OProeien toen – 20

Door Jan Op | 16 december 2020

Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag.
Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.


Niet dat het roeien van de Head onbelangrijk is maar eigenlijk begint het “echte” roeien erna.

Ik noemde het al “slavenarbeid”. Maar, in tegenstelling tot het thans gangbare, vinden wij het aanvaardbaar. Of eigenlijk zien we uit naar de volgende inspanning en alles wat we te leren krijgen. Voor de afstammelingen van de Jonge Acht is al een bodem gelegd die aardig in de buurt komt van Jo’s ideeën. Voor de andere vier maten is het omschakelen. Toch vormen we al snel een eenheid, hongerig naar het opvreten van tegenstanders.

Nog wat achtergrond. De dagelijkse inspanning: bakken, tubben en varen maakt enige ontspanning nodig. En daar komt het studeren nauwelijks voor in aanmerking. Toch is dat een onderwerp waar elke coach op let. Als studieresultaten uitblijven is de kans groot dat de Minister van Oorlog je inlijft. En is de ploeg een man kwijt.

De ontspanning vindt dan ook in de avond plaats. Na het nuttigen van extra versterkend voedsel bestaande uit veel aardappels of rijst, een wat groter stukje vlees van matige afmetingen en groenten uit de kassen van de buren: (Westland). De beroemde “Lagatafel”.

De “ploeggeest” speelt een grote rol. De tweede voorstelling in de bioscoop versterkt deze. De voorste rij is favoriet. De benen kunnen gestrekt steunen op het podium waarop het doek staat. Die tweede voorstelling is even na elven afgelopen. Dat is te laat om nog op tijd in bed te liggen. Enige heren met een dikke das om vertrekken zonder te weten of “het wel goed afloopt”.

Behalve in de 8 roeien we ook in twee vieren: De Oude Vier en de Jonge Vier. De Varsity nadert. Op Oud-ledendag: voorroeien van de Ouderen. Deze keer zijn wij de tegenstanders.

Start bij de Hoornbrug in Rijswijk. De president is de starter. Ik zit op slag in de Jonge Vier. Voor het eerst aan een start. Even voor het commando “start” klinkt vertrekt de Oude Vier. Dat verrast mij. Onmiddellijk er achteraan. We lopen een beetje in, maar we komen toch te laat. Zij hebben de eer gered. Ik zal voortaan beter opletten.


Harlingen – Terschelling alleen voor mannen

Door Kees Verweel | 12 december 2020

Kees Verweel (1963), actief sloeproeier sinds 1980. Woont met Silke aan de Oosterschelde in Kattendijke (Zeeland). Drie volwassen kinderen. Initiator en beheerder van www.sloeproeien.nl. Bij diverse verenigingen geroeid, eind 2019 medeoprichter van de nieuwe club Sloeproeien Zeeland waar we in de 6-riemer Seelandia roeien. Lees alle bijdragen van Kees Verweel hier.


Vandaag is de start van de Talisker Whisky Atlantic Challenge 2020. En acht Nederlandse dames staan op het punt om Hollandse geschiedenis te schrijven.
Op de Wall of Fame van Nederlandse oceaanroeiers prijken nog geen dames. Terwijl er in de jaren ’70 en ’80 al regelmatig dames oceaanroeitochten volbrachten liepen wij op onze school begin jaren ’80 nog tegen seksediscriminatie aan op Terschelling. Tijdens mijn eerste studiejaar – in 1982 – wilden de dames van school zich inschrijven voor de Harlingen-Terschelling race, en een ploeg dames uit Harlingen had hetzelfde bedacht en ook al wekenlang getraind voor deze uitdaging. Er waren in die tijd nog geen inschrijfvoorwaarden, iedereen kon zich dus opgeven.
Maar helaas voor de dames…. De organisatie vond het alles behalve verantwoord om dames toe te laten tot deze race, en voerde diverse argumenten aan om dit te onderbouwen; de kans op moeilijkheden onderweg zou voor dames te groot zijn. Er mocht geen tijdverschil met de heren ontstaan. De (6-riems) damesploegen roeiden in een onverantwoord kleine sloep en de deelnemers moesten de tocht kunnen volbrengen. Dus men nam aan dat een damesploeg de tocht niet zou kunnen volbrengen. Bij ons in de klas kwam dokter Smid van Terschelling uitleggen waarom onze dames echt niet mee mochten doen. Kortom, de HT was alleen voor mannen!
Onze zeevaartschooldames hadden geen keuze en moesten van de plannen afzien. De dames in Harlingen namen hier geen genoegen mee, en besloten buiten mededinging mee te gaan doen, niemand kon ze verbieden om een half uurtje voor de eerste start zelf in hun sloep naar Terschelling te gaan roeien. Ze volbrachten deze HT in 4,5 uur en bewezen hiermee dat de tocht wel degelijk door dames geroeid kon worden!
Gezien deze mooie prestatie werden de Harlinger dames ‘buiten mededinging’ opgenomen in de officiële uitslag. De organisatie kon nu geen damesploegen meer weigeren, dus in 1983 deden drie damesploegen officieel mee, allemaal in zesriems sloepen. Tijdens de HT van 2019 waren van de 140 deelnemende sloep maar liefst 39 damesteams! Je kunt je toch nauwelijks meer voorstellen dat bovenstaande nog zo kort geleden de praktijk was! En zo blijkt gelukkig dat roeien echt voor iedereen – jong / oud / dames / heren – geschikt is, ongeacht hoe lang of hoe zwaar een race is! Terwijl ik dit schrijf tikken de laatste drie uurtjes voor de start weg, en beginnen straks acht Nederlandse dames aan hun 4800 km lange roeitocht, hoe gaaf is dat!
En hoe gaaf is het dat dankzij alle moderne middelen deze oversteek live is te volgen. Ik ga ervan genieten.


De echte verandering II: mixed-feelings

Door Feike Tibben | 11 december 2020

Feike Tibben is bestuurslid van de Koninklijke Nederlandsche Roeibond, met als portefeuille sportontwikkeling. Lees alle bijdragen van Feike hier.


Ken je die mop van die twee die naar <vul  maar in> gingen? Die gingen niet. Zo’n week was het voor de olympiërs: de veranderingen van Parijs 2024, jaren besproken, zorgvuldig voorbereid… ze kwamen er niet. Het IOC nam geen van de 41(!) door de sectorale bonden voorgestelde wijzigingen over, maar veegde ze allemaal van tafel. De reden: kostenbeheersing.

Minder events, minder atleten. Parijs 2024 wordt een beetje Olympics light. Zij we daarmee terug bij af?  Is de vernieuwing voorbij? Zeker niet. Het IOC ziet als focus: reduce cost & complexity, promote sustainability, innovation with a youth focus and gender balance.

Tekst gaat door onder de afbeelding

Gender balance. ‘Makkie’ zul je zeggen, ‘met een ongeveer 50/50-man/vrouw-verdeling in ledenaantallen, met een exacte 50/50-verdeling in sportnummers, scoren we met onze roeisport bijzonder goed. Nog even zorgen dat er vaker een vrouwennummer het slot-event vormt van het toernooi en we zijn klaar met die balance.’

Ik denk niet dat we wegkomen met zulke zelfgenoegzaamheid. Wie goed leest ziet dat IOC ook steeds meer inzet op mixed sporten. In Parijs zijn er al 22 mixed-events, 4 meer dan in Tokio en 4 jaar later in LA zal het aantal weer meer gegroeid zijn. Je mag aannemen dat wij er dan ook bij zijn met het nummer mixed-coastal. De beslissing die voorlag voor Parijs 2024 wordt immers verschoven naar LA 2028.
Mixed-sporten: je ziet het pas als je het doorhebt. Skiën, biathlon, curling, kunstschaatsen, rodelen, en natuurlijk de mixed dubbels in badminton en tennis. Ook het schaatsen kent sinds kort mixed sporten: de mixed gender relay op shorttrack en lange baan.

Ik weet niet hoe het jullie vergaat, ik zie best wel veel gemixte teams op verenigingen, maar nooit als het om het eggie gaat. Dan vinden we het al heel vernieuwend als er een vrouw een mannenploeg stuurt. Bijzonder dat dat nog zo gesegregeerd is. Het zal iets met traditie of gewoonte zijn. Bij de nieuwere roeivormen wordt er volop gemixt: in het sloeproeien, bij de roeimarathons, en ook dus op coastal wedstrijden.

Bijzonder dat de discussies over coastal roeien in vergelijking met het gewone roeien nooit ingaan op het mixed, terwijl dat toch écht ook een vernieuwing is. Vinden we het al heel gewoon of zien we het als een niche die we maar moeten negeren? Ik hoop het eerste. Het is een mooie ontwikkeling op weg naar gender equality & gender balance.

Meer mixen: prima. En om ‘m helemaal af te maken: laten we ook gelijk de term ‘knuffeldubbel’ overboord gooien voor het mixed roeien. Je snapt wel waarom.. Het is niet voor niets vandaag paarse vrijdag.


Uit en in de Acht

OProeien toen – 19

Door Jan Op | 8 december 2020

Ik, Jan Op den Velde, 89 jaar, roeide voor Laga in de periode 1950-1954. De omstandigheden uit die jaren schets ik graag.
Vanaf OProeien toen – 1 is het een doorlopend verhaal. Via deze link vind je ze allemaal.


De slidings worden verlengd. Meer “been”. Dat kan best want de gemiddelde lengte van de bemanningen is ettelijke centimeters gestegen. Hoewel dat niet staat vermeld bij de inschrijving (de individuele gewichten wel) is dit nu naar schatting ongeveer 1,78 m. Het gewicht is gemiddeld per persoon 78 tot 81 kilo.

De roeiwereld van 1951 begint voor mij met een enorme klap. De eerste bijeenkomst in het nieuwe jaar kom ik niet meer voor in de Oude Acht. Ik blijk op slag te zitten in een 8 met onverbeterbare enthousiaste mannen die zich wederom hebben aangemeld. Het Bestuur en de Verenigde Coaches voelen zich gedwongen deze mannen nog eens een stukje (Head) te laten roeien. Ik word aan het hoofd gezet om deze ploeg naar de overwinning te leiden.

Zo gaat dat. Zonder enige melding vooraf worden ploegen gevormd en dat heb je maar te slikken. Alleen beter halen-maken levert promotie op. Kan mijn vervanger dat beter? Mijn ego is tot in mijn sokken gedaald. Slechts een overwinning op de Head kan mij misschien nog redden. Dat zal een onmogelijke opgave zijn.

Een recordaantal ploegen van 24 neemt deel, met 5 ploegen in de eerste divisie. De herinnering aan de zwarte periode tot de Head 1951 is geheel verdrongen en uit mijn geheugen gewist.

Behalve een speciale gebeurtenis tijdens onze opleiding: commando’s van de coach gaan via de “stuur” naar de roeiers. “Ogen dicht, stuurman”. Ik zit op slag en tot mijn grote verbazing doet de neef van een bekende schilder met één oor braaf zijn ogen dicht. Vlak voor de bocht. Ik moet deze veel-oudere-jaars onmiddellijk tot de orde roepen.

 We staan weer voor het altaar de maandag erna. De hogepriester voert het woord en spreekt zijn vervloeking uit over de resultaten. Het noemen van de namen begint.
Moet ik mijn oren geloven? Ik blijk terug op 4 in de Acht te zitten. Plotseling komt mijn ego opgelucht terug. Vele jaren later hoor ik dat is was “uitgeleend” om een zevental “aardige jongens” een leuke dag te bezorgen. ” Zo, nu ben je weer terug” zegt Jo na afloop. Terwijl mijn hart een ongekend hoog tempo slaat.

Roeien was/is slavenarbeid. Zonder morren doe je wat je wordt gezegd. Allemaal om niet te worden “uitgekotst” en om te voorkomen “het volgend jaar nog eens te mogen proberen”.


Aftellen voor 5000 km roeien

Door Kees Verweel | 5 december 2020

Kees Verweel (1963), actief sloeproeier sinds 1980. Woont met Silke aan de Oosterschelde in Kattendijke (Zeeland). Drie volwassen kinderen. Initiator en beheerder van www.sloeproeien.nl. Bij diverse verenigingen geroeid, eind 2019 medeoprichter van de nieuwe club Sloeproeien Zeeland waar we in de 6-riemer Seelandia roeien. Lees alle bijdragen van Kees Verweel hier.


Nu het sloeproeiseizoen echt in winterslaap is, verleg ik mijn focus naar La Gomera. Over precies een week start daar de 5000 km lange en zware Talisker Whisky Atlantic Challenge 2020. De 21 oceaanroeiboten met bijbehorende 55 deelnemers zijn inmiddels gearriveerd op het Canarische eiland, en iedereen is druk met de laatste voorbereidingen en vele controles en briefings.

  • Acht deelnemers gaan starten voor een solo oversteek.
  • Dan zijn er twee duo’s, waaronder het Nederlandse duo Mark Slats en Kai Wiedmer. Mark roeide in 2018 solo deze challenge, in een recordtijd van 30 dagen en 7 uren!
  • Er start één damestrio uit Engeland,
  • en er starten 10 ‘fours’ waaronder twee Nederlandse damesteams! De ‘Atlantic Dutchesses’ Iris Noordzij, Melissa Vooren, Renate de Backere en Marieke le Duc storten zich voor de eerste keer in dit ultieme roeiavontuur, evenals de ‘Dutchess of the Sea’  Astrid Janse, Bela Evers, Desiree Kranenburg en Remke van Kleij.

Van de in totaal 11 dames die meedoen aan deze editie dus maar liefst 8 uit Nederland, en van de 55 deelnemers totaal maar liefst 10 uit Nederland. Genoeg redenen dus om deze editie met extra belangstelling op de voet te gaan volgen. En voor sloeproeienNL heeft deze editie bovendien een extra tintje, want de helft van de Nederlandse deelneemsters is sloeproeister of heeft sloeproei-roots! Ik vraag me af hoe men zich daar nu voelt op La Gomera. De climax nadert na een 1-2 jaar lange en zware voorbereiding, na de onzekerheid of het allemaal wel door zou gaan in deze coronatijden, na de opluchting dat ondanks deze coronatijden de reis naar La Gomera is gelukt, voor boot en bemanning. Om dan nog zo’n twee weken af te tellen naar de start en kennis te maken met de andere deelnemers. Met dit kleine clubje van 55 personen aftellen tot het startschot. De spanning stijgt iedere dag!
Ik heb geen enkele referentie. De HT-race is ‘slechts’ 3-4 uren roeien van Harlingen naar Terschelling. Maar bij alle keren dat ik deze sloeproeirace roeide had ik een week voor de start al de nodige zenuwen. Vat ik geen kou komende week? En 300 keer per dag alle vindbare weersverwachtingen lezen! M’n roeispullen tig keer checken en de laatste nacht voor de HT slecht slapen omdat m’n lijf strak staat van de spanning, zeker bij edities waar de weersvoorspelling niet al te goed was. Allemaal voor een paar uurtjes roeien op de Waddenzee. Hoe moet dat dan voelen als je aftelt voor 5000 km roeien over de Atlantische oceaan!
Je weet vooraf dat je waarschijnlijk alle soorten weersomstandigheden voor je kiezen zult krijgen. Ik heb respect en bewondering voor de dames en heren die over een week het ruime sop kiezen, ongetwijfeld vol vragen over wat ze allemaal gaan meemaken, zeker voor de deelnemers die voor de eerste keer meedoen. De eerste dagen in het ritme komen van onafgebroken een aantal uren roeien afgewisseld met een aantal uren rust, iedere dag weer, 30-40 dagen lang. Je eigen fysieke en mentale grenzen verleggen, in een klein bootje op de oneindig grote en onvoorspelbare oceaan. Je onderweg gaan afvragen waarom je hier eigenlijk aan begonnen bent, en vechten tegen dat stemmetje dat om opgeven roept (daar heb ik tijdens diverse HT’s al last van gehad…) Je afvragen hoe lang het nog zal duren voordat er eindelijk land in zicht komt, om dan met nieuwe adrenaline het laatste stuk naar Antigua en Barbuda in de Caraïbische Zee te volbrengen. Om dan eindelijk, eindelijk over de finish te roeien, de ultieme climax! Ik zou denk ik rondstuiteren op La Gomera een week voor de start! Via sloeproeienNL gaan we de race, met name onze Nederlandse heldinnen en helden, op de voet volgen.

We wensen ze vanaf hier succes toe met de laatste voorbereidingen komende week, en zitten volgend weekend klaar om online de start te zien! Oja, onze sticker ‘IK ROEI SLOEP!’ reist mee met de Atlantic Dutchesses ?

Foto’s: Erik Baalbergen, Atlantic Dutchesses, Mark Slats